*

 

Lager benzinequotum wekt woede Iraniërs

Carolien Omidi − 21/10/09, 00:00

Vooruitlopend op eventuele sancties die de benzine-import bedreigen, snijdt Iran in de benzinesubsidies. Dat treft Iraniërs in hun portemonnee.

  • Iraniërs zijn soms niet zo zuinig met de goedkope benzine. (FOTO REUTERS)

„Moet ’ie vol?”, vraagt de benzinepompmedewerker, meestal ten overvloede. Maar dit keer niet. „Heb ik daarvoor nog genoeg liters op mijn kaart?”, antwoordt een magere man, gezeten in zijn Kia.

Twee jaar geleden voerde de Iraanse regering een benzinequotum in, waardoor iedere automobilist voor 100 liter per maand gesubsidieerd kan tanken. Wie het met die 100 liter niet redt, kan meer benzine kopen tegen een prijs die vier keer hoger ligt. De maatregel stuitte destijds op veel weerstand; verschillende benzinestations werden uit protest in brand gestoken.

Nu gaat de Iraanse regering nog een flinke stap verder. Deze week stemde het parlement in met een wetsvoorstel om de subsidies op benzine in de toekomst te halveren – iedere automobilist zal nog maar 50 liter gesubsidieerde benzine per maand bij de pomp kunnen krijgen.

„Een belachelijke maatregel”, vindt Gasjeijar (21). Hij heeft sinds kort zijn rijbewijs, en het kostte hem veel moeite het geld voor zijn tweedehands Peugeot 206 bij elkaar te krijgen. „Wie zuinig doet, redt het net met 100 liter per maand. Maar 50 liter per maand is onmogelijk. We rijden met de auto naar het werk om geld te verdienen. Straks mogen we het allemaal uitgeven aan dure, ongesubsidieerde benzine. Het is echt te gek voor woorden.”

De nieuwe wet hangt direct samen met nieuwe sancties die Iran mogelijk boven het hoofd hangen (zie kader). De belangrijkste zou inhouden dat buitenlandse bedrijven die benzine leveren aan Iran op een zwarte lijst worden gezet en geen benzine meer mogen verkopen aan de Verenigde Staten of andere westerse landen. Donderdag stemde de Amerikaanse Senaat al in met een dergelijk wetsvoorstel, dat alleen nog maar door president Obama bekrachtigd moet worden.

Op die manier loopt Iran het gevaar een benzinetekort te krijgen en wordt het land verder onder druk gezet te stoppen met zijn nucleaire programma. Want al is Iran één van de grootste olie-exporteurs ter wereld, het land importeert 40 procent van zijn benzine.

Dat komt door de beperkte raffinagecapaciteit. Iran werkt weliswaar aan de bouw en uitbreiding van raffinaderijen om voor benzine onafhankelijk te zijn van buitenlandse leveranciers. Maar zo ver is het nog niet.

Naast de benzinesubsidies zullen ook overige subsidies ingeperkt worden en uiteindelijk verdwijnen, besloot het parlement. Nu besteedt de regering honderd miljard dollar per jaar aan subsidies voor benzine, gas, olie, elektriciteit, water, brood, openbaar vervoer en telecommunicatie.

Econoom Manouchehr Sadeghi vindt het een onzalig plan. „Dit hele idee om allerlei subsidies op te heffen is gedoemd te mislukken. Het zal leiden tot 20 procent verhoging van de toch al enorme inflatie, en vele industrieën zullen failliet gaan. Die draaien op goedkope energie.”

Het is de bedoeling dat de allerarmste gezinnen financieel gecompenseerd worden. Maar de Iraanse middenklasse zal onder de nieuwe maatregelen lijden. Sadeghi: „Het is een te zware last op de schouders van de burgers. Het zou beter zijn de subsidie op één product terug te draaien en niet op alles tegelijk.”

Het politiek gevoelige idee om subsidies op te heffen is niet nieuw. Het parlement wilde het voorstel al voor de presidentsverkiezingen van 12 juni goedkeuren, maar zag ervan af uit vrees dat het president Ahmadinejad stemmen zou kosten. Na de onlusten rond de presidentsverkiezingen is de woede en onvrede onder grote delen van de bevolking nooit bekoeld. Deze impopulaire maatregel zou weer olie op het vuur kunnen gooien.

mailIcon print |