*

 

Amnesty: zeven landen hielpen CIA

Door: redactie − 14/06/06, 05:13

(Novum/AP) - De leiders van de Europese Unie moeten voorkomen dat Europese luchthavens worden gebruikt voor de geheime overdracht van terreurverdachten naar landen waar ze mogelijk gemarteld worden en slachtoffers van het Amerikaanse 'buitengewone uitleveringsprogramma' moeten hoge schadevergoedingen krijgen. Dat schrijft Amnesty International aan de vooravond van een EU-top in Brussel in een woensdag gepubliceerd rapport.

Zeven Europese landen - waaronder Groot-Brittannië, Duitsland en Italië - zijn waarschijnlijk betrokken bij ontvoeringen van individuen door de Amerikaanse inlichtingendienst CIA en werken pogingen om die ontvoeringen te onderzoeken tegen, aldus de mensenrechtenorganisatie.

De Europese regeringen moeten niet langer hun ogen sluiten voor de mensenrechtenschendingen, schrijft Amnesty. De organisatie roept de Europese leiders, die donderdag en vrijdag bijeenkomen, op stelling te nemen tegen de buitengewone uitlevering van terreurverdachten, waarbij verdachten naar landen worden gebracht waar ze het risico lopen gemarteld of mishandeld te worden.

Het rapport van Amnesty gaat in op zeven beweerde uitleveringen die plaatsvonden na de aanslagen van 11 september 2001. De organisatie komt tot ongeveer dezelfde conclusies als de Zwitserse senator Dick Marty in een deze week gepubliceerd rapport voor de Raad van Europa over geheime CIA-transporten en gevangenissen in Europa. Volgens Marty vormden veertien Europese landen samen met de CIA 'een web van mensenrechtenschendingen' en hielpen ze bij het wegmoffelen van terreurverdachten in clandestiene detentiecentra.

Amnesty beschuldigt Groot-Brittannië ervan te hebben meegeholpen aan de arrestatie van twee Britse ingezetenen in Gambia in 2002. De twee, die uiteindelijk in het detentiecentrum bij Guantanamo Bay terechtkwamen, waren als vijandige strijders en Al-Qaida-leden aangemerkt, zo blijkt uit gegevens van het Amerikaanse ministerie van defensie.

Volgens Amnesty was Duitsland medeplichtig aan de uitlevering van een in Syrië geboren Duitse terreurverdachte die aangehouden werd na een reis naar Marokko en beschuldigd werd van betrokkenheid bij de aanslagen van 11 september.

Andere Europese landen die zouden hebben meegewerkt aan buitengewone uitlevering zijn onder meer Zweden, Macedonië, Bosnië en Turkije. Volgens Amnesty bestaat er 'weinig twijfel' dat die landen 'hun plicht hebben verzuimd de mensenrechten te respecteren en beschermen'.

mailIcon print |