De klimaatconferentie in Kyoto heeft toch een akkoord opgeleverd. De kans is echter groot dat de Amerikaanse senaat het verdrag niet zal goedkeuren. In Nederland kan het verdrag leiden tot nieuwe politieke discussies over de vraag hoe ver Nederland moet gaan in de strijd tegen de versterking van het broeikaseffect.
Het akkoord in Kyoto kwam woensdagnacht op het laatste nippertje tot stand. Het leek erop dat een fikse ruzie tussen China en de Verenigde Staten de conferentie zou doen mislukken. De VS hadden al toegezegd dat hun uitstoot van broeikasgassen in 2012 zeven procent lager zou zijn dan in 1990 en hadden ook de eis dat economisch snel groeiende ontwikkelingslanden als China en India hun uitstoot moeten beperken, laten vallen.
Maar Amerikanen hielden vast aan hun eis dat rijke landen die te veel broeikasgassen uitstoten die 'schuld' kunnen afkopen, bijvoorbeeld aan derde-wereldlanden met een geringe uitstoot. China en andere ontwikkelingslanden waren daar mordicus tegen. Zij vinden dat dat het Westen de veroorzaker is van het broeikasprobleem, dat dus zelf moet oplossen en het niet moet afschuiven op anderen.
Het idee van de afkoopsom (in jargon: verhandelbare emissierechten) is niet van tafel verdwenen, zoals China wenste. Afgesproken is dat de uitwerking van het idee op een volgende conferentie verder wordt besproken. Volgens de Amerikaanse onderhandelaar Eizenstat mogen geindustrialiseerde landen die hun doelstellingen niet waarmaken, deze schuld alleen afkopen aan andere geindustrialiseerde landen die hun doelen ruimschoots halen. In dat geval blijven de derde-wereldlanden dus buiten schot en heeft China toch succes geboekt.
Dat was niet het enige succes van de ontwikkelingslanden. Zij hoeven, in tegenstelling tot de industrielanden, hun uitstoot van broeikasgassen niet te beperken, hoewel hun uitstoot procentueel het hardst groeit en China over enkele jaren de VS als grootste uitstoter van CO2 zal passeren. Amerikaanse senatoren lieten na afloop van de conferentie direct al weten dat dat onderdeel van het verdrag onacceptabel is.
Daarmee legden zij meteen een bom onder de overeenkomst. De senaat moet het verdrag goedkeuren, maar het ziet er niet naar uit dat dat gebeurt. De Europese Unie heeft toegezegd dat de uitstoot rond 2010 acht procent lager zal zijn dan in 1990. Aanvankelijk beloofde de EU een reductie van vijftien procent maar dat vonden de VS, die in hadden gezet op nul procent, veel te veel. Om een compromis mogelijk te maken zakte de EU naar acht procent. Onderling hadden de EU-landen al afgesproken hoe zij die vijftien procent zouden halen. Zo zou Nederland zorgen voor een vermindering van tien procent.
Nu die vijftien procent reductie vrijwel gehalveerd is tot acht, kan de EU zich buigen over de vraag of alle landen hun doelstelingen mogen halveren of dat er toch nog een andere verdeling komt. Dat roept de vraag op hoe Nederland zich zal opstellen in die discussie.
De werkgeversorgansiatie VNO-NCW was gisteren duidelijk. “Als de doelstelling van de EU wordt gehalveerd, zou je dus verwachten dat het oude Nederlandse (tien procent minder uitstoot) doel ook wordt gehalveerd.” De Tweede Kamer is verdeeld over die vraag. Oppositiepartijen CDA en GPV willen zoveel mogelijk vasthouden aan de oude doelstelling. VVD-Kamerlid Te Veldhuis is voor een halvering en vindt dat Nederland in elk geval niet uit de pas moet lopen met andere landen. Augusteijn (D66) en Crone (PvdA) willen eerst kijken hoe de discussies in Brussel gaan uitpakken, zo meldden de betrokken Kamerleden gisteren bij terugkomst uit Kyoto.
China was één van de weinige landen die onverdeeld positief waren over 'Kyoto'. President Clinton sprak over een akkoord dat goed is voor milieu en economie. Minister De Boer (milieu) was blij dat de VS een hoop water bij de wijn hebben gedaan al had zij, net als de Europese Commissaris voor milieu, Bjerregaard, liever scherpere doelstellingen gezien. De meeste milieuorganisaties reageerden afkeurend op het verdrag.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.