*

 

Aanklager ICC speelt hoog spel tegen Basjir

Eric Brassem − 16/07/08, 00:00

Heeft het internationaal strafhof het lot van president

Moreno-Ocampo, de Argentijnse openbare aanklager van het internationale strafhof ICC, speelt hoog spel. Maandag klaagde hij Soedans president, Omar al-Basjir, aan wegens genocide, oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. Een college van drie rechters zal vermoedelijk enige maanden vergaderen – niet over de vraag of Ocampo’s beschuldigingen bewezen zijn, maar wel of er een redelijk vermoeden over de juistheid ervan bestaat. Trekken ze die conclusie –dat is de verwachting– dan vaardigen ze een internationaal arrestatiebevel uit tegen het Soedanese staatshoofd.

Daarna is vooral duidelijk wat er allemaal níet gebeurt. Basjir zal niet het vliegtuig naar Den Haag nemen om zijn onschuld te bewijzen. Integendeel, hij zal zijn land niet meer verlaten, om geen risico te lopen dat hij wordt opgepakt. Voorlopig zal niemand in Soedan hem uitleveren– democratische regeringswisselingen en staatsgrepen voorbehouden. De internationale gemeenschap zal niet militair interveniëren om hem op te pakken. Meer sancties hebben in dit verband geen zin.

De aanklacht tegen Basjir is een stap die logisch volgde uit Moreno-Ocampo’s vorige. Vorig jaar klaagde hij een Soedanese minister en een militieleider aan. Vorige maand stelde hij ’het hele Soedanese staatsapparaat’ verantwoordelijk voor het ’fysiek en mentaal vernietigen van hele gemeenschappen’. Logisch dus, dat hij ook Basjir, hoofd van dat criminele staatsapparaat, zou aanklagen.

Niet alle critici van Basjir juichen. Alex de Waal en Julie Flint, Soedan-kenners die tot de eerste klokkenluiders over de toestand in Darfur behoorden, bestrijden de analyse van Moreno-Ocampo en diens rechercheteam, dat ook ter plekke onderzoek heeft gedaan. De complexe toestand in Darfur, waar allerhande groeperingen elkaar bestrijden, leent zich niet voor zwart-wittermen, stelden zij in The Washington Post. „De hedendaagse schendingen beschrijven als een ’systematische’ campagne om ’hele gemeenschappen’ uit te roeien gaat te ver.”

John Prendergast, ex-adviseur van de Amerikaanse president Bill Clinton, juicht wel. De aanklacht betekent een nieuw ’machtsmiddel’ tegen Basjir. De angst dat hierdoor de strijd in Soedan verergert, deelt hij niet: „Het vredesproces is dood.”

Daarmee zijn De Waal en Flint het faliekant oneens. „De timing had niet ongelukkiger kunnen zijn”, menen ze. Het bewind koerst aan op een compromis met het opstandige zuiden, en heeft net een nieuwe kieswet aangenomen die zicht biedt op democratisering. Een internationaal arrestatiebevel is voor Basjir extra reden om aan de macht vast te houden, met alle middelen.

Moreno-Ocampo zegt dat hij zich als aanklager louter om juridische, en niet om politieke zaken bekommert. Maar los van politieke deliberaties staat het Hof zeker niet. De opdracht aan het Hof om de kwestie-Darfur te onderzoeken was een (politiek) besluit van de VN-veiligheidsraad in 2005. De Veiligheidsraad kan ook weer besluiten om vervolging een jaar op te schorten. Het politieke touwtrekken daarover is al begonnen: Soedan stuurt erop aan, en weet China, de Afrikaanse Unie en de Arabische Liga aan zijn zijde.

Dat het Hof ’Darfur’ op zijn bordje kreeg, was destijds een succes van de Europese ondertekenaars van het statuut. De VS, eigenlijk tegenstanders van het Hof, lieten hun bezwaren varen, zolang er maar geen Amerikanen vervolgd zouden worden.

Met die opdracht won het Hof in één klap veel van de geloofwaardigheid die het tot dan ontbeerde. De geloofwaardigheid van de ICC hangt ook nu af van de internationale gemeenschap: die moet toestaan dat Basjir wordt vervolgd – of niet; en moet hem oppakken – of niet.

mailIcon print |