Het onbemande Europese ruimtevrachtschip Jules Verne is gistermiddag aan het internationale ruimtestation ISS gekoppeld. De Jules Verne is het eerste van een serie vrachtschepen, Automated Transfer Vehicles (ATV’s), die naar het ISS gaan.
De huidige driekoppige bemanning van het ISS wordt voorzien van brandstof, water, kleren, voedsel en instrumenten. De Jules Verne had ruim vijf ton vracht aan boord.
Het twintig ton zware vrachtschip kan drie keer meer vervoeren dan het Russische onbemande vrachtschip Progress, dat eveneens het ISS van voorraden voorziet.
De koppeling was een delicate operatie, op een hoogte van bijna 400 kilometer boven de aarde, terwijl beide voertuigen met een snelheid van 28.000 kilometer per uur door de ruimte scheerden. Als de Jules Verne is volgeladen met afval zal het schip loskoppelen van het ISS, om daarna in augustus volledig te verbranden in de dampkring. Het is te duur om de ATV zo uit te rusten dat het veilig kan terugkeren naar de aarde.
De Jules Verne kostte 1,3 miljard euro. Het 10,3 meter hoge en 4,5 meter brede vrachtschip kan 7,6 ton aan lading meenemen. Samen met het in februari gelanceerde ruimtelaboratorium Columbus is de ATV de belangrijkste bijdrage van het Europese Ruimtevaartagentschap ESA aan het internationale ruimtestation.
De Jules Verne werd op 8 maart vanaf lanceerbasis Kourou in Frans Guyana gelanceerd. Niet eerder had de ESA zo’n complex en groot ruimtevaartuig de ruimte ingebracht. De ESA stuurt nog zeker vier ATV’s naar het ISS.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.