*

 

Anderhalf jaar moeizame overgang in Indonesië

11/01/08, 17:46

Chronologie van de belangrijkste gebeurtenissen in Indonesië na de val van president Soeharto.

- 21 mei 1998 - President Soeharto treedt na 32 jaar autocratisch bestuur af onder druk van de onrust in het land. Zijn vice-president Jusuf Habibie wordt tot opvolger benoemd. Deze belooft vergaande democratische hervormingen.

- 22 mei - Habibie handhaaft vele ministers die onder Soeharto dienden, maar laat diens dochter Tutut vallen.

- 25 mei - De eerste politieke gevangenen komen vrij.

- 28 mei - Habibie belooft vrije en eerlijke verkiezingen in 1999.

- 1 juni - Onder druk van de studenten besluit Habibie tot een officieel onderzoek naar de corruptiepraktijken van het bewind-Soeharto.

- 16 juli - Het IMF besluit tot uitbreiding van de financiële hulp om Indonesië door de Azië-crisis te loodsen.

- 9 november - De strijdkrachten beloven de studenten inperking van hun politieke macht.

- 13 november - Het parlement neemt kieswetten aan die eerlijke en vrije parlementsverkiezingen in mei 1999 mogelijk moeten maken. Militairen schieten elf mensen dood bij demonstraties van studenten die verdergaande hervormingen eisen.

- 22 november - Dertien doden bij rellen tussen Ambonese christenen en moslims in Jakarta.

- januari 1999 - Bij onlusten op de Molukken tussen christenen en moslims vallen meer dan 200 doden. Ook in Atjeh vallen 25 doden. Zowel op de Molukken als in Atjeh gaat de onrust het hele jaar door.

- 27 januari - Zonder het parlement te raadplegen stelt Habibie plotseling voor om op Oost-Timor een referendum over onafhankelijkheid te houden.

- februari-maart - Bij confrontaties aan de westkust van Borneo komen minstens 250 mensen om; velen zijn onthoofd.

- 5 mei - Indonesië en Portugal tekenen een akkoord in New York over een referendum, georganiseerd door de VN, over de status van Oost-Timor.

- 7 juni - Parlementsverkiezingen, de meest vrije en eerlijke in 44 jaar. De partij van oppositieleidster en dochter van wijlen president Soekarno, Megawati Soekarnoputri, wint, maar behaalt geen meerderheid in het parlement.

- 3 augustus - Habibie verklaart de uitslagen van de verkiezingen eindelijk geldig.

- augustus - Naaste kring van Habibie wordt ervan beschuldigd ruim 160 miljoen gulden aan een genationaliseerde bank te hebben onttrokken om zijn verkiezingscampagne te financieren.

- 30 augustus - Referendum op Oost-Timor.

- 4 september - Uitslag: bijna 80 procent van de Oost-Timorezen is voor de onafhankelijkheid. Pro-Indonesische milities beginnen, daarbij gesteund door Indonesische militairen, een geweldscampagne die resulteert in een onbekend aantal doden en honderdduizenden vluchtelingen.

- 20 september - De door Australië geleide internationale vredesmacht Interfet wordt op Oost-Timor gestationeerd om verder geweld van de pro-Indonesische krachten te voorkomen.

- 12 oktober - Het tegen Soeharto begonnen onderzoek wegens corruptie wordt gesloten verklaard wegens gebrek aan bewijs.

- 14 oktober - Het komt tot confrontaties tussen demonstranten en legereenheden bij het parlementsgebouw in Jakarta terwijl Habibie binnen zijn beleid van de afgelopen 16 maanden verdedigt. Soeharto's jongste zoon Tommy wordt vrijgesproken van corruptie.

- 19 oktober - Het parlement verwerpt Habibie's verdediging van zijn beleid. Habibie trekt zijn kandidatuur voor de presidentsverkiezing in.

- 20 oktober - Het Raadgevende Volkscongres, het hoogste wetgevende orgaan in Indonesië (waarin de vijfhonderd parlementsleden plus tweehonderd benoemde mensen) kiest Abdurrahman Wahid ('Gus Dur') tot president.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />