*

 

Rustig in vliegtuig naar Kabul

Nafiss Nia − 18/09/08, 16:40

weblog De reis naar Afghanistan duurt langer dan ik had gedacht. In het vliegtuig naar Dubai zitten weinig mensen die naar Kabul gaan. Niet gek, want Afghanistan is absoluut nog geen vakantieoord voor de massa.

De vlucht naar Kabul gaat goed en de ontvangst is hartelijk, maar het straatbeeld van Kabul is deprimerend. Stoffige en hobbelige straten, aftandse en armoedige huizen, door vermoeidheid en spanning getekende gezichten geven direct aan dat mensen hier alleen bezig zijn te overleven.

Ik probeer positief te denken en concentreer me op leuke dingen. De grote hoeveelheid kapperzaken, bruiloftszalen en de kleine kledingwinkels vol met feestelijke avondjurken vallen me op. Zo te zien vinden hier, ondanks alles, veel feesten plaats. Ik denk gelijk aan de mooie Afghaanse bruiloftsceremonies die ik een paar keer heb bijgewoond.

Ik had veel militairen op straat verwacht maar er zijn er maar weinig. Kabul is nu rustiger en lijkt meer en meer op een stad die de oorlog achter de rug heeft. Toch zal het lang duren voordat deze plaats het aanzicht van een echte hoofdstad krijgt. De vele ruïnes, ongeasfalteerde straten, groten gaten in de wegen, kleine armoedige winkels met gammele deuren en ramen, de jonge en oude bedelaars met meestal een geamputeerde arm of been maken het beeld van de stad niet vrolijk. Het gebrek aan goed sanitair, aan elektriciteit, groen op straat en nog meer gebreken maken dat Kabul nu eruit ziet als een plaats van eeuwen geleden.

In de avond verruil ik de bestoven hete straten voor een oude vredige herberg. Het aangename ‘guesthouse’ met een prachtige tuin en vriendelijk personeel maakt veel goed. Na een korte rustpauze gaan we naar de Afghaanse vestiging van hulporganisatie Cordaid, de partner van de maatschappelijke organisatie voor journalisten en persvrijheid Press Now, voor wie ik werk op deze reis. Voor het eerst investeert Cordaid in een mediaproject.

Een uur later zitten we om een andere tafel op een ander kantoor waar een Zuid-Afrikaanse ex-militaire ons alles over de gevaren van Afghanistan verteld. Hij heeft vorig jaar ontslag genomen bij het leger en is met een eigen veiligheidsbedrijf begonnen. Zo te horen ziet daar meer brood in. Halverwege zijn verhaal over de hoeveelheid ontvoeringen, moorden, bomaanslagen en raketaanvallen van de afgelopen maand, begin ik mezelf af te vragen of we straks zelfs naar buiten durven.

Zijn verhaal kan zeker kloppen, maar ik beluister meer een verkooppraatje voor zijn bedrijf dan een waarschuwing voor een paar nieuwe bezoekers zoals wij zijn. Op zijn kantoor waren we een en al oor voor zijn veiligheidsmaatregelen, maar later worden we toch overmeesterd door onze journalistieke drijfveer en we begeven ons naar de stad en het echte leven in Kabul.

mailIcon print |