Arabische leiders zullen geen traan laten als het Iraanse regime ten val wordt gebracht. Maar de protesten moeten vooral niet overwaaien.
De op het Westen gerichte Arabische conservatieve regimes, van Saoedi-Arabië en Egypte tot en met het Palestijns Bestuur, volgen de gebeurtenissen in Iran met gemengde gevoelens.
Enerzijds hopen zij stilletjes dat de protesten zullen leiden tot de val van het regime van de ayatollahs en president Ahmadinejad. In hun ogen is Iran direct, dan wel via zijn bondgenoten zoals Hamas en Hezbollah, verantwoordelijk voor een groot deel van de spanningen in de regio.
Tegelijkertijd vrezen zij voor onrust in eigen land als oppositionele groeperingen naar het voorbeeld van de betogers in Iran, met hun eisen de straat op trekken. „De aanblik van openbare demonstraties tegen de leiders verontrust alle Arabische leiders”, zegt Asad Aboe Khalil, een professor van Libanese komaf van de universiteit van California, in een verwijzing naar het gebrek aan democratie in de Arabische wereld.
Maar het beeld is nog gecompliceerder. Landen als Saoedi-Arabië en Egypte – net als overigens Israël – waren absoluut niet blij met de prioriteit die de Amerikaanse president Obama Iran toekende (en toekent). Zij vreesden dat diens uitgestoken hand naar de Iraanse leider Ahmadinejad mogelijk ten koste van hen zou gaan, dat de VS Iran zouden kronen tot belangrijkste regionale macht in ruil voor een compromis over zijn nucleaire programma.
Na jaren van groeiende invloed van de Iraanse revolutie in de Arabische wereld, kon Saoedi-Arabië juist eerder deze maand een overwinninkje vieren: de door Riad gesteunde en gespekte coalitie won de verkiezingen in Libanon van de pro-Iraanse Hezbollah. Analisten wijzen er echter op dat de gevolgen voor de behoudende regimes moeilijk te voorspellen zijn. Het staat zelfs niet vast dat in het geval de rivalen van Ahmadinejad deze slag winnen, zij een ander regionaal beleid zullen voeren.
De Arabische landen vrezen wellicht ook dat Teheran zich bedreigd voelt en van zich af gaat slaan, ook al om de aandacht af te leiden en de eenheid te herstellen. Een mogelijke aanwijzing was gisteren de Iraanse militaire oefeningen in de Golf.
De Arabische media besteden ruim aandacht aan de onrust in Teheran, met vaak bloedige beelden op de voorpagina’s van de kranten. Columnisten lenen de Palestijnse term voor opstand en beschrijven de demonstraties als een intifada.
Palestijnse functionarissen menen (hopen) dat de val van het Iraanse regime een positieve uitwerking kan hebben. „De Hamasleiders moeten in totale paniek verkeren”, aldus een adviseur van president Abbas. „Zonder de steun van Iran had Hamas nooit zijn coup kunnen plegen.”
Tegelijkertijd is Ramallah nu bang dat Obama alle aandacht op Iran zal richten ten koste van het Arabisch-Israëlische conflict.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.