*

 

Kou is afzien

Judit Neurink − 07/01/09, 22:30

weblog Het is kouder in Nederland dan in Koerdistan, maar in Suleymania is het afzien. De huizen zijn niet niet gemaakt voor de hitte, maar al evenmin voor de kou. Ze verwarmen is een hele klus.

Vooral als er in de bergen sneeuw is gevallen, is het beneden in het dal van Suleymania erg koud. De wind die hier ’s zomers voor verkoeling zorgt, maakt ’s winters de gevoelstemperatuur nog lager. Overdag wil het kwik nog wel eens boven nul aangeven, maar ’s nachts vriest het licht tot matig.

Centrale verwarming – ik ben het in Koerdistan nog niet tegengekomen. Wie voldoende stroom heeft (een minderheid van de bevolking) zet de aircondioning op verwarmen. Anderen pakken gaskacheltjes, en erger nog: walmende petroleumkachels. Ik heb een elektrisch kacheltje, maar dat is alleen voor mensen die voldoende elektriciteit hebben, en dus meestal niet als je afhankelijk bent van de buurtgenerator. Binnenzitten met de jas aan is hier dan ook helemaal niet ongebruikelijk. Ik heb al de nodige trainingen gegeven waarbij ik de cursisten maar weg heb gestuurd omdat we met z’n allen zaten te vernikkelen van de kou. Bij een van die trainingen zijn we zelfs naar buiten gegaan, omdat het in de zon warmer was dan binnen met een petroleumkacheltje.

De meeste gebouwen zijn van beton, enkelsteens, zonder isolatie. Ramen zijn bij hele hoge uitzondering van dubbelglas. Kozijnen zijn met grote kieren in de muren gezet, als gevolg van het feit dat iedereen hier zijn eigen huis denkt te kunnen bouwen. En toen de airco erin werd gezet, werd daarvoor gewoon een hoek uit het glas van het raam geslagen om de slangen naar buiten de leiden. Een tochtend, gapend gat, dat mensen vullen met stukken papier en tissue.

Een van de gevolgen is dat waterleidingen, die meestal op de buitenmuur lopen, bevriezen. Ik was een week weg, mijn huis was ijskoud en ik kreeg bijna geen water meer uit de kraan. Dat werd douchen in een ijskoude badkamer met een emmertje vol op het fornuis warm gemaakt water. Het deed me denken aan het huis van mijn oma, veertig jaar geleden, dat net zo koud en onverwarmd was terwijl we thuis allang centrale verwarming hadden. En mijn huis is lang niet het enige. Veel mensen moeten de leidingen vervangen omdat ze bevroren en gebarsten zijn. Mijn keuken was vanmiddag een waterballet omdat de reparateurs langs waren geweest. En in de badkamer doet de kraan boven de wastafel het nog altijd niet.

De winters waren nooit zo koud, zeggen Koerden vergoelijkend als ik ze hierop aanspreek. Maar ik herinner me wel degelijk koude winters van eerdere bezoeken, en ik weet dat in 1991, toen de Koerden massaal Saddams wraak voor hun opstand ontvluchtten, duizenden door de kou zijn gestorven.

In mijn huis is zojuist de stroom uitgevallen. Mijn laptop verzorgt het enige licht, dat blauw in de donkere kamer valt. Het wordt snel kouder. Ik heb mijn jas aangedaan. Buiten klinkt de laatste oproep voor het gebed. Bij mijn buren is de generator aangeslagen, die heb ik niet. Voor mij is het wachten op de overheidsstroom. Ik denk dat ik maar vroeg naar bed ga, onder drie lagen dekens. Met mijn sokken aan. Morgen zal de waterleiding wel weer bevroren zijn.

mailIcon print |