(Novum) - Samir A. en vier andere terreurverdachten hebben dinsdag hun dossiers teruggekregen van het Openbaar Ministerie. De rechtbank in Amsterdam keurde een verzoek hiertoe van advocate Britta Böhler goed. De verdachten kregen hun dossiers niet mee toen ze onlangs werden overgeplaatst naar de terroristenafdeling van de gevangenis in Vught.
Volgens de advocaten van de terreurverdachten konden zij zich zonder alle stukken niet goed op de zittingen voorbereiden. Donderdag heeft de rechtbank een leesdag ingelast, zodat de verdachten en hun advocaten de dossiers opnieuw kunnen doornemen.
Het terreurproces begon maandag in de zwaar beveiligde rechtszaal in Amsterdam-Osdorp, de zogenoemde bunker. De rechtbank dreigde de zitting van woensdag te schrappen als de verdachten hun stukken niet op tijd zouden krijgen. De verdachten verblijven in Vught onder een streng regime om te voorkomen dat ze in de gevangenis mensen werven voor de jihad, de heilige oorlog.
De rechters hoorden woensdagmiddag historicus Roel Meijer als getuige-deskundige in de zaak. Hij heeft samen met een anonieme wetenschapper de documenten die zijn aangetroffen op de computers van de verdachten geanalyseerd.
Samir A. gaat volgens Meijer van de verdachten het verst, omdat hij concreet oproept tot geweld tegen de Nederlandse bevolking. Veel andere geschriften van de verdachten gaan volgens Meijer over de gewelddadige strijd tegen ongelovigen in het algemeen.
Een deel van de teksten hadden de verdachten van internet gekopieerd, zei Meijer. Hij herriep zijn conclusies over enkele van de geschriften, omdat die niet aan één van de verdachten konden worden toegeschreven. Meijer onderzoekt sinds twintig jaar islamtische bewegingen in het Midden-Oosten. De advocaten van de verdachten ondervragen hem woensdagmiddag verder.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.