(Novum) - Nederland en België moeten bij grensoverschrijdende ruimtelijke projecten minder voor eigen parochie preken en beter samenwerken. De beide landen denken bij projecten als de HSL en de IJzeren Rijn nog altijd alleen aan hun eigen belang. Dat concludeert het Ruimtelijk Planbureau (RPB) donderdag in het onderzoeksrapport 'Grensoverschrijdende projecten in Nederland en Vlaanderen'.
Onderhandelingen monden volgens de planologen vaak uit in 'wij-zijconfrontaties'. "Het nationaal denken is nog springlevend. Doordat Vlaanderen en Nederland zich tot nu toe vooral gedragen hebben als elkaars concurrenten, zijn onderhandelingen tussen de landen onnodig bemoeilijkt en zijn kansen misschien gemist."
Het RPB pleit voor duidelijker afspraken bij grote infrastructuurprojecten, die in verdragen moeten worden vastgelegd. De overeenkomsten moeten een duidelijk tijdschema en inhoudelijke doelstellingen hebben, wat de doelgerichtheid ten goede komt. De planologen denken bijvoorbeeld aan een Vlaams-Nederlandse ministersconferentie die eens in de zoveel tijd de grote ruimtelijke plannen bespreekt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.