(Novum) - In de rechtszaak tegen de vader van het zogenoemde Maasmeisje zijn maandag verschillende belastende verklaringen tegen de verdachte voorgelezen. Verder werd duidelijk dat de 48-jarige António G. volgens het Pieter Baan Centrum 'sterk verminderd toerekeningsvatbaar' is.
G. staat terecht voor de moord op zijn 12-jarige dochter Gessica. Haar in stukken gehakte lichaam werd in juni vorig jaar gevonden in drie sporttassen in de Maas bij Rotterdam. Nadat een reconstructie van haar gezicht in oktober werd verspreid, werd de identiteit van het meisje bekend. Haar vader werd enkele dagen later opgepakt. De moeder van het meisje verklaarde dat ze niet wist waar haar dochter haar laatste maanden had doorgebracht.
De bewijzen tegen G., die de moord altijd heeft ontkend, lijken zich op te stapelen. Zo zaten in een van de tassen waarin de lichaamsdelen van Gessica werden gevonden, gebroken tegels die uit de tuin van G. afkomstig lijken te zijn. Ook is in zijn doucheputje een stuk bot gevonden. Een buurtbewoner verklaarde verder dat hij begin juni uit het appartement van G. geluiden hoorde 'alsof hij een biefstuk platsloeg'.
Volgens een eerder onderzoek van vier inspecties schoot de samenwerking tussen hulpverleners en instellingen tekort. Onder meer Bureau Jeugdzorg kreeg de zwartepiet toegeschoven. Die zou eerder handelend hebben moeten optreden.
In de rechtszaal werd maandag een verklaring van een kennis van de verdachte voorgelezen. Die zou na een logeerpartijtje van Gessica signalen hebben opgevangen dat het niet goed ging met het meisje en Jeugdzorg hebben ingeschakeld. Jeugdzorg zou aan de vrouw vervolgens hebben laten doorschemeren dat ze zich niet met de zaak moest bemoeien.
Later maandag neemt het Openbaar Ministerie het woord. Voor de behandeling van de rechtszaak wordt drie dagen uitgetrokken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.