*

 

'Arts helpt allochtone kinderen minder goed'

Door: redactie − 16/01/07, 17:06

(Novum) - De kwaliteit van de gezondheidszorg voor niet-westerse allochtone kinderen is vaak slechter dan voor autochtone kinderen. Zo krijgen ze vaker verkeerde medicijnen. Ook wordt bij hen de diagnose later gesteld en worden de kinderen vaak niet of te laat door hun arts doorverwezen naar een specialist. Het gaat vooral om kinderen van Turkse en Marokkaanse komaf. Dat blijkt uit een promotieonderzoek aan het Academisch Medisch Centrum van de Universiteit van Amsterdam.

Bij het onderzoek is gekeken naar de ziektebeelden astma, suikerziekte en een lui oog. Allochtone kinderen met matige astmaklachten lopen een groter risico op het krijgen van te lichte medicatie. Ook wordt suikerziekte bij hen vaker in een later stadium vastgesteld. Bovendien worden kinderen van Turkse en Marokkaanse afkomst veel minder vaak doorgestuurd naar een specialist dan autochtone Nederlandse kinderen.

Een verklaring voor de mindere kwaliteit van de zorg ligt volgens promovenda Nathalie Urbanus-Van Laar in taalbarrières tussen de arts en de ouders van de kinderen. Maar ook vooroordelen van een arts spelen mee, stelde de onderzoekster vast. De gedachte die bij medici zou leven dat allochtone ouders bewust adviezen negeren, klopt volgens de wetenschapper niet.

Om de kwaliteit te verbeteren, moet er volgens de onderzoeker meer aandacht komen voor verschillende culturen in de opleiding van artsen. De medici zouden meer kennis moeten vergaren over cultuurverschillen. Ook zou het helpen als Nederlanders van allochtone afkomst meer scholing krijgen op het gebied van gezondheid en de gezondheidszorg.

mailIcon print |