*

 

Twee jaar praten en geen statusbesluit

Anke Truijen, Pristina − 10/12/07, 02:27

De termijn voor de onderhandelingen over mogelijke onafhankelijkheid voor Kosovo loopt vandaag af. Het lot van de Servische provincie ligt nu in handen van de VN.

Stapels posters voor de demonstratie op 10 december liggen op tafel bij Unioni i Studentëve Shqipetarë (USSH). ’Allen voor onafhankelijkheid’, staat er in rood met zwarte letters gedrukt. De Kosovo Albanese studentenunie in Pristina grijpt deze datum aan om te demonstreren tegen het mislukte akkoord over de toekomstige status. Ze verwachten enkele honderden mensen.

„Het gaat hier om onze toekomst”, zegt Petrit Nimani (23), de voorzitter van USSH en organisator. „Al acht jaar wachten we op betere kansen maar tot nu toe worden we gegijzeld door de statuskwestie. Wij willen vrij zijn.”

Ondanks dat het niet een nieuwe boodschap is die de studenten vandaag op straat gaan verkondigen denkt Nimani dat het signaal dat ze afgeven belangrijk is. Nimani: „Iedereen is het zat dat de onafhankelijkheid almaar uitgesteld wordt. Hoe kunnen wij onze toekomst plannen als we niet eens weten waar we naar toe gaan! Het is belangrijk dat we een eigen identiteit krijgen.”

Meer dan de helft van de twee miljoen inwoners in Kosovo is jonger dan 25 jaar. Kosovo heeft daarmee de jongste bevolking in Europa. Maar veel jonge Kosovaren zien hun toekomst somber in. De werkloosheid is hoog en het onderwijssysteem is verouderd. Volgens een VN-rapport wil ongeveer 50 procent Kosovo verlaten om elders in Europa een baan te zoeken. Maar voor velen blijft het bij dromen. Het is niet gemakkelijk om een visum te krijgen en vaak hebben de jongeren te weinig geld om echt de stap te nemen.

Arben Zharku (25) heeft vorig jaar de kunstacademie afgerond en werkt nu voor een cultureel centrum. Hij ergert zich aan jongeren die roepen dat ze weg willen. „Mensen realiseren zich niet hoe moeilijk het is om in Europa te overleven. Ze zien niet dat het hier mogelijk is om met weinig geld wat op te zetten of een appartement te huren.”

Op de universiteit in Pristina zijn weinig Servische studenten. De meesten studeren in Belgrado of in het Servische gedeelte van de verdeelde stad Mitrovica in Noord-Kosovo. Voor de 26-jarige Vuk (die zijn achternaam niet wil geven) was het na de oorlog duidelijk dat hij rechten zou gaan studeren. „Dit is een plek zonder wetten en regels. Iedereen neemt het recht in eigen hand. Serviërs worden in Kosovo genegeerd en daar wil ik iets aan veranderen.”

Vuk noemt de onafhankelijkheid een ramp maar hij weet dat het onvermijdelijk is. „Natuurlijk ben ik bang voor wat er gebeuren gaat, maar mijn toekomst ligt hier, ik laat me niet wegjagen.”

mailIcon print |