Euthanasie is geen routineklus die een arts wel even doet. Telkens weer is het een emotioneel gebeuren, blijkt uit een bundel interviews met artsen.
De NVVE – de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde – wekte tot op heden niet de indruk over te lopen van begrip voor artsen die euthanasie weigeren of daar moeite mee hebben. Vandaag verschijnt onder verantwoordelijkheid van de NVVE een boek met als doel dat beeld bij te stellen. „Een patiënt die zijn arts om euthanasie vraagt, moet weten dat die het daar erg moeilijk mee kan hebben”, zegt NVVE-directeur Rob Jonquière.
Vandaag presenteert hij in Utrecht het boek, geschreven door de verpleegkundige Hans van Dam, bekend vanwege zijn vele publicaties over euthanasie. ’Euthanasie, de praktijk van dichtbij bekeken’ bevat veertien interviews met artsen over hun praktijkervaringen. Het is een vervolg op het boek dat met de ondertitel ’De praktijk anders bekeken’ in 2005 verscheen. Toen kwamen nabestaanden aan het woord.
Het hele palet aan denkbare standpunten over euthanasie komt aan de orde. Principiële euthanasieweigeraars net zo goed als de aarzelaars en de artsen die de aarzeling voorbij zijn, komen anoniem aan het woord. Maar hoe verschillend ze ook denken, één ding hebben ze allemaal gemeen: euthanasie is niet iets dat je zo maar even doet waarna je dan weer overgaat tot de orde van de dag. Elke keer als de dodelijke injectie wordt gegeven, is het weer slikken.
Jonquière: „Ja, het was precies onze bedoeling dat aan onze achterban te laten zien. Dat euthanasie weliswaar tot het normale medisch handelen behoort, maar niet zo normaal dat het een routineklus is of moet worden. Euthanasie is voor de arts telkens weer een ingewikkelde, emotioneel beladen zaak. Euthanasie kost je een slapeloze nacht, weet ik als arts uit eigen ervaring. Maar wat uit de interviews ook blijkt, is dat artsen achteraf eigenlijk nooit spijt hebben, behalve als ze onzorgvuldig hebben gehandeld.”
Te gemakkelijk gaan patiënten er van uit: ’Ik vraag, u draait’, alsof de arts een soort verlengstuk is van de spuit, een machine die de dodelijke injectie wel even geeft. Nee, de arts is een persoon van vlees en bloed die verantwoordelijk is voor het euthanasiebesluit. Als hij onzorgvuldig is geweest, kan hij zelfs wegens moord voor de rechter worden gedaagd.
Jonquière: „Het gaat om communicatie tussen twee mensen. Respect en begrip voor elkaar is van groot belang. In het verleden hebben wij te vaak en gemakkelijk geroepen: waarom werkt die arts niet mee?”
Anderzijds heeft de NVVE ook voor de artsen een boodschap. Jonquière: „Als ze moeite hebben met euthanasie, er eigenlijk niet aan willen, laat ze dat dan tijdig zeggen. En geen smoesjes gebruiken als: Ik vind dat u niet ondraaglijk lijdt, of: Het is nog niet zover. Artsen moeten in een vroeg stadium de patiënt wijzen op de mogelijkheden: euthanasie, palliatieve sedatie of anderszins. Ik weet wel wat het antwoord is van veel artsen: als ik er vroeg over begin dan denkt de patiënt dat ’ie al is opgegeven. Maar daardoor mag een arts zich niet laten weerhouden. Eigenlijk zouden in elke huisartsenpraktijk folders moeten liggen met informatie over het euthanasiebeleid in die praktijk.”
’Euthanasie, de praktijk van dichtbij bekeken. Interviews met artsen.’ Uitgeverij Libra & Libris. euro 19,50.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.