*

 

Kamer staat achter 1000- urennorm Van Bijsterveldt

Van onze redactie politiek − 29/11/07, 02:28

Over één ding zijn de meeste Kamerfracties het eens: zomaar een urennorm vastleggen voor het voortgezet onderwijs werkt niet. Toch kan de 1000-urennorm van staatssecretaris Van Bijsterveldt rekenen op coalitiesteun.

Eerder kondigde zij aan de stakende scholieren deels tegemoet te komen. Ze wil de urennorm verlagen van 1040 naar 1000 klokuren per jaar. Daarnaast moeten scholen een programma van maximaal 40 uur opstellen voor vrijwillige, individuele begeleiding.

Gisteren kreeg Van Bijsterveldt tijdens een spoeddebat steun van de coalitie. De wens van scholierenorganisatie Laks om de norm naar 960 uur te verlagen, werd niet ingewilligd. Het Laks organiseert morgen daarom een grote scholierendemonstratie op het Amsterdamse Museum-plein, kondigde de organisatie na afloop van het debat aan.

CDA’er De Vries: „Het Laks overvraagt. Natuurlijk willen leerlingen korter naar school, maar er moet hard gewerkt worden.”

PvdA en ChristenUnie waren ’voorzichtig positief’. Beide fracties stemden begin 2006 tegen een CDA-voorstel om de minimale onderwijstijd op 1040 uren te stellen. „We zijn voor een bandbreedte van 960 tot 1040 uren, waarbinnen scholen de ruimte hebben voldoende uren van voldoende kwaliteit te bieden”, zei Kranenveldt (PvdA), die baalde van het ingelaste spoeddebat: „We moeten de vastgestelde norm niet in een spoeddebatje schrappen. Laten we tijdens het debat in januari hier uitvoeriger op ingaan.”

CU-fractievoorzitter Slob sloot zich daarbij aan. „Een spoeddebat doet geen recht aan dit belangrijke onderwerp.”

Dibi (GroenLinks), de aanvrager van het debat, was het niet met hen eens. „De staatssecretaris moet haar huiswerk doen. Ze praat met bobo’s in plaats van leerlingen en leraren.”

Hij eiste van Van Bijsterveldt ’een bandbreedte die recht doet aan het onderwijs’. „Er zijn scholen die minder dan 900 uur lesgeven en toch goed scoren qua slagingspercentage. Het debat is een afleidingsmanoeuvre voor wat er echt gaande is: een ophokplicht van leerlingen, een lerarentekort en bureaucratie.”

mailIcon print |