De Nederlandse natuur kampt met exotische indringers die zorgen voor een flinke schadepost. Komende week hopen onderzoekers betere afspraken te kunnen maken over hun bestrijding.
Internationale deskundigen confereren komende week in Nijmegen over invasieve kreeftjes, schelpdieren en waterplanten. Die komen met schepen en rivierwater uit het buitenland, verdringen onze eigen natuur en richten voor miljoenen euro’s schade aan.
Niet alles wat van buiten komt is slecht. Ook het konijn, de kastanjeboom, de kip en de fazant werden ooit geïmporteerd. En als er een zeearend in de Oostvaardersplassen of vale gieren boven Zeeuws-Vlaanderen worden gespot, oogsten die vooral bewondering.
Milieukundige Rob Leuven van de Radboud Universiteit zal ook niet zeggen dat alle biologische immigranten moeten worden geweerd. „Een op de tien exoten kan zich goed in Nederland vestigen en maar een klein deel daarvan is ook echt schadelijk.”
Toch hebben ze hun slechte naam niet voor niets. „Ze kunnen vaak extremere omstandigheden aan, een hoger zoutgehalte, hogere temperaturen en vuiler water. Ook zijn ze in staat meer voedsel te verzamelen. We zien dat door hun komst oorspronkelijke soorten verdwijnen of zich onvoldoende herstellen. De komst van exoten is een grotere bedreiging voor soorten dan de klimaatverandering.”
Het is een natuurlijk proces dat de sterkste en slimste soorten overleven, maar volgens Leuven is de groei van exoten vooral te wijten aan menselijk handelen. „Verschillende natuursystemen zijn met elkaar verbonden. Je kunt van de Rijn naar de Rhône en van de Donau naar de Wolga. Door de aanleg van het Main-Donaukanaal verdringen Kaspische vlokreeften en slijkgarnalen onze eigen kreeftachtigen in de Rijn.”
De Japanse oester is door vissers geïmporteerd toen de Zeeuwse oester het slecht deed. Inmiddels verjaagt hij andere schelpdieren en lijden watervogels honger omdat ze die oesters niet open krijgen. De grote waternavel is een vijverplant die ooit door ontevreden tuiniers in sloten is gekieperd. Door zijn snelle groei maakt hij slootleven onmogelijk en sluit hij watergangen af.
Andere exoten richten gezondheidsproblemen voor de mens of economische schade aan. Larven van de tijgermug liften mee met Chinese sierbamboe. De tijgermug kan het dodelijke chikungunya-virus of knokkelkoorts overbrengen. Muskusratten zijn ooit uit Noord-Amerika gehaald om gefokt te worden als pelsdieren, maar beschadigen nu onze dijken.
Het CBS heeft de schade van exoten onlangs geschat op 1,3 miljard euro, maar dat zijn volgens Leuven alleen de directe posten zoals bestrijding van de muskusrat en het schoonmaken van lozingspijpen die dichtgroeien met driehoeksmosselen. „Feitelijk is de schade nog veel groter.”
Bestrijding lijkt soms onbegonnen werk. Zo is van muskusratten bekend dat ze zich door de jacht nog sneller voortplanten.
Leuven hoopt dat de conferentie tot concrete, internationale afspraken leidt. „Er ligt een prachtig verdrag dat schepen verplicht ballastwater al op zee te lozen. Met dat ballastwater komen nu allerlei verstekelingen mee. Helaas is dat verdrag nog maar door tien landen ondertekend, terwijl het er dertig moeten zijn. Er is veel onwetendheid. Veel exoten zijn uitgezet door nietsvermoedende aquariumhouders.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.