*

 

Limburgse scholen zoeken remedie tegen de krimp

Hanne Obbink − 22/01/08, 00:29

Limburgse scholen kampen met afnemende aantallen leerlingen. Dat dwingt scholen tot nieuwe, creatieve oplossingen om toch onderwijs in de buurt te kunnen bieden. Zoals een ’peuter-instappunt’.

Een ’instappunt’ voor peuters en kleuters, dat is een van de ideeën van Limburgse basisscholen om met een krimpend aantal leerlingen toch onderwijs op loopafstand van hun huis te blijven bieden. De onderwijsstichting Movare, die zestig basisscholen bestuurt in onder meer Heerlen, Kerkrade en Sittard-Geleen, heeft al zo’n instappunt. Peuters kunnen er naar een peuterspeelzaal en kleuters naar de groepen 1 en 2 van de basisschool. Bij de overgang naar groep 3, als ze zes jaar oud zijn, verhuizen de kinderen naar een school op twee à drie kilometer afstand.

Het gezamenlijk leerlingenaantal van de Movare-scholen daalt per jaar met een dikke twee procent, vertelt bestuursvoorzitter Arie Kraak. „Dat betekent dat we per jaar een aantal ter grootte van een stevige basisschool verliezen.”

Het leerlingenverlies doet zich verspreid over die zestig scholen voor. Dat betekent dat er minder leerlingen in een zelfde aantal gebouwen zitten, en alleen al daardoor stijgen de kosten per leerling. Daar staan geen extra inkomsten tegenover.

Dat is niet lang vol te houden. Movare heeft al scholen gesloten of samengevoegd met andere. Niet alleen omdat kleine scholen duur zijn, ook omdat de kwaliteit er moeilijk op peil te houden is. „Op te kleine scholen leren leerlingen niet goed hoe ze met leeftijdsgenoten moeten omgaan”, zegt Kraak. „Je kunt verschillende leerjaren wel bij elkaar in één klas zetten, maar dat heeft gevolgen voor de kwaliteit.”

De problemen van Movare staan niet op zichzelf. Alle scholen in basis-én voortgezet onderwijs in Limburg hebben met deze trend te maken, want in heel Limburg krimpt de bevolking. Dat proces is onomkeerbaar en zal nog vele jaren aanhouden.

Andere regio’s krijgen binnen afzienbare tijd met soortgelijke problemen te maken. Over een jaar of dertig zal de hele Nederlandse bevolking gaan krimpen, voorspellen onderzoekers. Dat vergt een omslag in het overheidsbeleid, waarschuwde Wim Derks van de Universiteit Maastricht twee jaar geleden al eens. Het Nederlandse overheidsbeleid heeft „sinds de Tweede Wereldoorlog maar één vertrekpunt: groei, groei en nog eens groei”, schreef hij.

Dat geldt ook voor het onderwijsbeleid, merken de Limburgse scholen nu. De regels van het ministerie van onderwijs zijn niet op een langdurige daling van het leerlingenaantal berekend. Alle scholen dreigen daardoor in geldnood te komen, en geen enkel schoolbestuur ontkomt aan ingrijpende beslissingen over de toekomst.

„We moeten onze hele onderwijsinfrastructuur opnieuw overdenken”, zegt bestuurder Leo Niessen van SVO-PL, een onderwijsstichting met negen scholen in het voortgezet onderwijs. Scholen kunnen dat niet op eigen houtje. Zij moeten met andere scholen en ook met gemeenten overleggen. Want in sommige regio’s zullen vanwege de krimpende bevolking duizenden woningen verdwijnen. Niessen: „De beslissing waar dat precies gebeurt, heeft rechtstreeks gevolgen voor de vraag waar scholen blijven bestaan.”

Alle betrokken partijen komen vandaag in Maastricht bijeen om een gezamenlijke koers uit te stippelen. „Het is een mammoettanker”, zegt gedeputeerde Odile Wolfs van de provincie Limburg. „Maar als we die op tijd bijsturen, is er geen reden om somber te zijn.”

mailIcon print |