Amsterdam, Rotterdam en Den Haag willen van hun Chinatowns toeristische trekpleisters maken. De Chinese ondernemers hebben wel wat anders aan hun hoofd. De maffia bijvoorbeeld.
Nederland heeft nog steeds niet een écht Chinatown, zoals die er zijn in Londen, Parijs en New York. Daar willen de gemeenten Amsterdam, Den Haag en Rotterdam graag verandering in brengen. Al jaren, want het lukt maar niet om de Chinese wijken in de drie grote steden dusdanig te ontwikkelen dat ze een echte toeristische trekpleister worden en niet de achterstandsbuurten van de binnensteden blijven.
Maar de Chinezen lopen niet zo hard voor ’hun’ Chinatown als de bestuurders dat wensen. Zij hebben andere dingen aan hun hoofd. Zaken die niet te ontwaren zijn bij een bezoek aan Chinatown, want de triades – de benaming voor de Chinese maffia – liggen op de loer.
„Veel zaken hier hebben ooit te maken gehad met de maffia die hen bedreigt en afperst. Die hebben greep op veel ondernemers, iedereen is bang voor die bendes die ons het geld afhandig maken”, zegt bedrijfsleider Heung Lau, die een groothandel leidt in Chinatown Rotterdam. Hij wil niet dat de naam van het bedrijf in de krant komt, omdat ook hij bang is voor tegenacties.
Zoals Heung Lau reageren veel ondernemers. „Niemand doet aangifte. Te bang voor wraak en intimidatie. Vreemde Chinezen komen dan je zaak binnen en bedreigen je met wapens. Ze zetten soms letterlijk het mes op je keel en eisen geld. Het gaat dan om veel geld. Geld om je te beschermen, noemen ze dat, maar ondertussen persen ze je af voor duizenden of tienduizenden euro’s. Samenwerken met de gemeente is wel het laatste waar we dan aan denken.”
Wantrouwen jegens de politie en schaamte zijn volgens deskundigen ook redenen om geen aangifte te doen en er met niemand over te praten. „Ook al komen er nu drie mannen binnen die mij naar achteren duwen en geld komen innen. Dan nog zou ik een minuut later gewoon mijn klanten helpen, alsof er niets aan de hand is. Wij praten niet over onze problemen, we weten wel dat die er zijn. Waarom zouden we er nog aandacht aan besteden”, bekent Chin Lun-Xe, die een winkel leidt in het Haagse Chinatown. Zij vertelt dat de Chinese maffia ook nog steeds in Den Haag aanwezig is.
Ook ondernemer Jerry Fung in Amsterdam herkent de maffiaverhalen. „Zodra Chinezen een bedrijfje beginnen en de maffia ruikt dat, kunnen ze binnen komen vallen. Die misdadigers hebben geen enkel begrip of mededogen. Ze schieten je neer als het moet. Althans, daar is iedereen bang voor en daarom doet niemand aangifte. Dat risico neem ik liever ook niet. Ik wil gewoon rustig mijn zaak runnen.”
PvdA-stadsdeelraadslid Ger Rolsma van het stadsdeel Centrum (waar het Amsterdamse Chinatown onder valt), schrikt van deze vrijwel onbekende situatie: „Het is natuurlijk ontoelaatbaar dat de ondernemers in worden geteisterd door deze maffiapraktijken. Met name de oudere generatie ondernemers lijkt hiervoor gevoelig omdat zij uit schaamte niet naar de politie durven te stappen. Voor deze vorm van criminaliteit is een nauwe samenwerking tussen de ondernemers en politie nodig, naar een meer strafrechtelijke aanpak dus.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.