De innoverende farmaceutische industrie heeft in de afgelopen jaren moedwillig de introductie van goedkope, generieke geneesmiddelen in de EU tegengewerkt.
Het tegenhouden van goedkope geneesmiddelen door de farmaceutische industrie kost EU-landen veel geld. Door de obstructie zijn de 17 lidstaten tussen 2000 en 2007 ongeveer drie miljard euro aan besparingen op het geneesmiddelenbudget misgelopen.
Dit blijkt uit een grootschalig onderzoek van de Europese Commissie naar concurrentie in de farmasector. EU-commissaris voor concurrentie Neelie Kroes zei gisteren in Brussel dat farmaceutische bedrijven strategieën hebben opgezet om de introductie van middelen bij concurrenten te vertragen of tegen te houden.
Kroes maakte gisteren een tussentijds verslag openbaar van een onderzoek dat in januari begon met invallen bij farmaceutische bedrijven als Pfizer, GlaxoSmithKline, Sanofi-Aventis, AstraZeneca, Merck Sharp & Dohme en Wyeth. Ook enkele Nederlandse vestigingen werden bezocht.
Komend voorjaar komt Kroes met een eindoordeel. Ze kondigde aan procedures te zullen beginnen, als blijkt dat de bedrijven concurrentieregels hebben overtreden. Farmaceutische bedrijven hebben volgens Kroes opzettelijk ’spinnenwebben van octrooien’ gesponnen. Ze wilden zo generieke fabrikanten weerhouden van het namaken van hun producten.
Nieuwe middelen worden jarenlang beschermd door patenten. Na afloop van de patentperiode mogen andere fabrikanten deze middelen namaken. Tegen de tijd dat patenten aflopen, vragen geneesmiddelfabrikanten tientallen, soms honderden octrooien aan op hun middelen of op onderdelen ervan. Daardoor kunnen concurrenten niet of pas veel later hun generieke producten op de markt brengen.
Enkele maanden vertraging bij de introductie van een generieke versie kan een farmaceutisch bedrijf dat tegen patentverlies aanhikt tientallen miljoenen aan extra inkomsten opleveren. In één geval had een farmaceutisch bedrijf 1300 verschillende octrooien aangevraagd op een geneesmiddel dat vrij zou komen.
De Europese Commissie heeft de marktontwikkelingen onderzocht van 219 veel voorgeschreven middelen. Het zijn stuk voor stuk zogenaamde kaskrakers, die tussen 2000 en 2007 uit patent zijn gegaan.
EU-ambtenaren troffen bij de farmaceutische firma’s documenten aan waarin werd gesteld: „Wij bekijken opties om octrooien aan te vragen of te verkrijgen met als enige doel de manoeuvreerruimte van onze concurrenten te beperken”.
Daarnaast hebben de bedrijven volgens een van de onderzoekers ook andere vertragingstechnieken gebruikt. Zo zijn op grote schaal processen aangespannen om octrooien te beschermen. De EU-ambtenaren telden 700 processen in zeven jaar , die in zes van de tien gevallen door de generieke fabrikanten werden gewonnen. Maar die processen duurden gemiddeld drie jaar en blokkeerden tot het vonnis de marktintroductie van de goedkopere versies.
Ook zijn er meer dan 200 overeenkomsten aangetroffen tussen innoverende bedrijven en generieke fabrikanten, waarbij betalingen zijn overgekomen in ruil voor het niet of beperkt introduceren van generieke middelen. Daarmee was een bedrag gemoeid van meer dan 200 miljoen euro. Kroes wil uitzoeken of deze betalingen tot doel hebben gehad om concurrenten van de markt te houden, wat verboden is in de EU.
De Europese koepel van innoverende farmaceutische bedrijven Efpia noemt het rapport van Kroes ’een gemiste kans’. Volgens Efpia heeft de commissie verzuimd ’het echte probleem’ te behandelen: de beperking die patiënten zouden ondervinden in het krijgen van toegang tot nieuwe geneesmiddelen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.