*

 

Ouders zijn niet zo ontevreden over school als het lijkt

Hanne Obbink − 25/08/09, 17:51

Ouders zijn ontevreden over het onderwijs. Een ruime meerderheid vindt dat onderwijs niet het uiterste uit jongeren haalt. En 43 procent vindt het Nederlandse onderwijs ’niet goed, niet slecht’ of nóg minder. Dat zijn uitkomsten van onderzoek door bureau Qrius in opdracht van het maandblad J/M.

  • (\N)

Hoe kan dat? Anderhalve week geleden bleek uit het zogeheten Nationaal Scholenonderzoek iets heel anders. Negen van de tien ouders vinden dat hun kind genoeg leert op school. En de overgrote meerderheid denkt dat de leerkracht goed les geeft. Welk onderzoek moeten we geloven? Zijn ouders nu tevreden of niet?

Die tegenstrijdigheid blijkt tenminste gedeeltelijk te verklaren. Aan de methodiek ligt het waarschijnlijk niet. J/M ondervroeg 500 ouders, aan het scholenonderzoek deden er 6600 mee, en beide steekproeven zijn representatief voor bijvoorbeeld opleidingsniveau en etnische afkomst, zeggen de betrokken onderzoekers.

Opvallend is wel dat aan het scholenonderzoek vooral moeders meewerkten. Op sommige onderwijssites is al geopperd dat de antwoorden daardoor positief gekleurd zijn. Moeders zouden meer geneigd zijn op de sfeer te letten en minder op pure prestaties; zij oordelen daarom misschien milder.

Belangrijker dan deze ’verklaring’ is een ander verschil tussen de enquêtes. J/M ondervroeg ouders met kinderen in basis- én voortgezet onderwijs, het scholenonderzoek ging alleen over de basisschool. Beide onderzoeken stellen vast dat ouders in de loop van de schoolcarrière van hun kind minder tevreden worden. Ouders met kinderen in de lagere klassen van de basisschool zijn het tevredenst, in de hogere klassen neemt die tevredenheid af en die trend zet door – blijkt uit het J/M-onderzoek – in het voortgezet onderwijs.

Geen wonder dus dat enquêtes waarin het óók over het voortgezet onderwijs gaat (zoals het J/M-onderzoek) gemiddeld tot lagere tevredenheidscijfers leiden dan als alleen naar de basisschool wordt gevraagd (zoals in het scholenonderzoek).

De lagere cijfers van J/M zijn trouwens niet eenduidig. Uit eerdere onderzoeken blijkt steeds: hoe nauwer mensen betrokken zijn bij het onderwijs waarover ze ondervraagd worden, hoe hoger hun waardering. Dat verschijnsel doet zich ook in het J/M-onderzoek voor. Onderwijs in het algemeen krijgt van de ondervraagden het rapportcijfer 6,6. Maar als wordt gevraagd naar de school van hun eigen kind, valt dat cijfer een half punt hoger uit. Daarmee is het verschil tussen de ontevreden ouders van J/M en de tevredenen uit het scholenonderzoek opeens niet groot meer.

Een 7,1 is geen 8. En een 8 zou het wel móeten zijn, reageerde staatssecretaris Van Bijsterveldt op het J/M-onderzoek. Maar ondanks de kritiek die in dat onderzoek doorklinkt (er moet meer orde gehouden worden, de communicatie tussen school en ouders moet beter, extra aandacht aan feitenkennis is gewenst) lijkt die ruime zeven niet te duiden op grote ontevredenheid.

mailIcon print |