PVV-leider Wilders biedt geen oplossingen voor de problemen die spelen. Maar dat neemt niet weg dat de PvdA de zorgen van zijn kiezers serieus moet nemen.
De uitslag van de Europese verkiezingen, met de PVV als grote winnaar, echode vrijdag na. Diverse PvdA-ministers lieten er hun licht over schijnen na de wekelijkse ministerraad. „We moeten ons niet focussen op Wilders of zijn partij, maar op de mensen die op hem gestemd hebben. We moeten naar die mensen toe, zeggen: We delen uw zorg. Daar moeten we in dienstbaarheid en bescheidenheid mee omgaan”, aldus minister van Onderwijs Ronald Plasterk. Hij zei recentelijk nog een ’Fortuyndorp’ in Rotterdam te hebben bezocht, waar vroeger 80 procent PvdA stemde. „Die mág je niet kwijtraken.”
Hij vindt ook dat aan de PVV moeten worden gevraagd wat de voorstellen van deze partij zijn. Volgens hem stellen die niet zoveel voor. „Dat moeten we dan aan de kaak stellen.” Plasterk gaf wel toe dat sommigen in de brede PvdA-gelederen „nog altijd enigszins pedant, arrogant, belerend en ontkennend” zijn als het gaat om de multiculturele samenleving.
De bewindsman stelde dat de coalitie niet moet steggelen over de laatste komma, maar moet profiteren van wat haar bindt. „Tuurlijk blijven we zitten.” Ook volgens collega Bert Koenders (Ontwikkelingssamenwerking) moet het kabinet juist nu doorgaan, en zich „veel offensiever” opstellen. „We moeten ons niet de kaas van het brood laten eten.” Volgens hem wordt „geen enkel alternatief geboden door de heer Wilders” voor oplossingen voor problemen zoals de bankencrisis en de werkloosheid. Maar het is ook belangrijk „te luisteren naar de mensen die voor hem hebben gekozen”.
PvdA-bewindsvrouw Guusje Ter Horst (Binnenlandse Zaken) zei dat de regering „zo druk is met de dingen van de dag en met besturen. We moeten ook eens denken aan over het voetlicht brengen.” In Nederland daalt de criminaliteit en voelen mensen zich veelal veilig, zei ze in dit verband. Als het gaat over de integratieproblematiek is het volgens verantwoordelijk minister Eberhard van der Laan (WWI), de vraag of „we stevig genoeg optreden”. Maar de klap komt volgens hem „precies op tijd”. „We hebben nog genoeg tijd.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.