*

 

Weer een gat in de broekzak

Ivo Barends − 08/06/09, 00:00

De 53-jarige man uit Ivoorkust was dolblij hij toen hij de uitnodiging voor een sollicitatiegesprek ontving. Die baan als postbode wilde hij dolgraag, zijn werk als afwasser was hij zat. Om het goede nieuws te vieren, liep hij het Amsterdamse Victoria Hotel binnen en bestelde een biertje en een whisky. Maar toen hij moest afrekenen, kon hij niet betalen.

„Ik had een gat in mijn broekzak en daardoor was mijn geld eruit gevallen”, vertelt hij de rechter. De verdachte heeft behalve zijn advocaat ook een tolk bij zich, die alles wat de rechter zegt naar het Frans vertaalt. Niet betalen in een restaurant heet in juristentaal ’flessentrekkerij’.

„Vertaalt u dat eens naar het Frans”, lacht de rechter verwachtingsvol naar de tolk. Die blijft stil. „Nou, doe maar ’oplichting’”, helpt de rechter hem.

Dat vervelende gat in zijn broekzak speelde de Afrikaan al eerder parten. Ook toen hij vorig jaar in een supermarkt twee blikjes bier wilde afrekenen, greep hij bij de kassa vergeefs naar zijn geld, vertelt hij de rechter. Ook voor dat feit, winkeldiefstal, staat hij terecht.

En overigens ook nog voor twee bedreigingen: toen zijn baas voor wie hij afwaste niet snel genoeg uitbetaalde, duwde hij hem tegen de muur en zei: ’Pas maar op, ik heb een gun’. En toen de woningbouwvereniging het slot van zijn flat in Amsterdam-Noord niet snel genoeg repareerde, zei de Afrikaan ongeveer hetzelfde tegen een baliemedewerkster. Om praktische redenen worden alle delicten maar in één zitting behandeld.

De verdachte heeft een alcoholprobleem. Een eerdere zitting is al eens uitgesteld omdat hij toen was opgenomen in de Jellinek. De winkeldiefstal pleegde hij op de dag dat hij ontslagen was uit de verslavingskliniek.

„Wacht even”, zegt de rechter. „U was een dag uit de Jellinek, en toen bracht u de avond meteen door in een politiecel?” Klopt, zegt de verdachte, die ook nog wel even de schuld van het voorval aan de Jellinek wil geven: zij hebben hem die broek met dat gat gegeven.

De reclassering rapporteert dat de verdachte ’weinig probleembesef’ heeft en ’de schuld snel bij anderen legt’. Niet zeker is of hij ook een psychische stoornis heeft.

Dat hij een gat in zijn broek had ’is niet uitgesloten’, betoogt zijn advocaat. En de bedreiging bij de woningbouwvereniging is niet bewezen, zegt hij. Daar is maar één getuige van: te weinig.

Dat laatste is de rechter met hem eens. Maar de bedreiging van de werkgever acht zij wel bewezen, evenals winkeldiefstal en flessentrekkerij. Ze legt 93 dagen cel op waarvan 70 voorwaardelijk. Omdat het voorarrest van de man eraf wordt getrokken, hoeft hij niet meer te zitten. Wel blijft hij twee jaar onder toezicht van de reclassering.

U kunt in hoger beroep gaan, zegt de rechter. „C’est bon comme ça”, zegt de Afrikaan. Dat hoeft de tolk niet meer te vertalen.

mailIcon print |