De zogeheten canon van Nederland wordt niet verplicht in de geschiedenisles. Dat is ook niet nodig: het geschiedenisonderwijs is nog maar net hervormd, met goeddeels dezelfde bedoelingen als de canon.
Minister Plasterk heeft zich bedacht. Hij heeft besloten de zogeheten canon van Nederland niet tot verplichte lesstof op school te verheffen. Eerder had hij aangekondigd dat wel te willen doen, maar deze week werd duidelijk dat die canon op scholen slechts als ‘inspiratiebron’ hoeft te dienen.
De canon werd opgesteld door een commissie onder leiding van de neerlandicus Frits van Oostrom en bevatte vijftig ‘vensters’, onderwerpen aan de hand waarvan de geschiedenis van Nederland belicht kon worden en waarvan elke Nederlanders iets moet weten. De canon moet lesstof zijn in de laatste jaren van de basisschool, zo luidde het advies, en in de onderbouw van het voortgezet onderwijs.
Het advies van Van Oostrom en zijn commissie was de aanleiding voor een ware canonhype. Wetenschappers gingen aan de slag om een bètacanon op te stellen, er kwamen onder meer canons van het Nederlandse landschap, van de geschiedenis van Friesland en zelfs van kindertelevisieprogramma’s.
Van Oostroms officiĆ«le ’canon van Nederland’ werd intussen omarmd door de politiek. Al meteen na het verschijnen van het advies, eind 2006, viel alom het pleidooi te horen om die canon dan maar meteen op te nemen in de wettelijk vastgelegde kerndoelen. En ook het kabinet vond dat dat moest gebeuren.
Dat voornemen heeft het kabinet nu laten varen: in de kerndoelen wordt alleen opgenomen dat de canon als inspiratiebron kan dienen, zo blijkt uit een voorstel dat minister Plasterk deze week naar het parlement stuurde. Wat heeft de minister tot deze beslissing gebracht?
Waarschijnlijk heeft vooral het advies van de Raad van State zwaar gewogen. Die raad stelde dat het verplichten van de vijftig vensters een te grote inbreuk zou zijn op de autonomie van scholen. Niet zo’n vreemde opmerking, want moet de overheid werkelijk voorschrijven dat Annie M.G. Schmidt en Spinoza op school behandeld worden? In geen enkel ander schoolvak wordt de stof zo tot in detail voorgeschreven.
Historici hebben daarnaast ook steeds aangevoerd dat de vensters uit de canon niet goed zijn in te passen in de huidige opzet van het geschiedenisonderwijs. Die opzet is ontleend aan een indeling in tijdvakken, opgesteld door hoogleraar geschiedenis Piet de Rooij. En die zijn nog maar sinds 2006 volledig in de kerndoelen van basis- en voortgezet onderwijs opgenomen – nota bene het jaar van Van Oostroms advies.
Een nieuwe hervorming van het geschiedenisonderwijs, zo snel na de vorige, is niet nodig, voerden de tegenstanders van een verplichte nieuwe canon verder aan. Inderdaad, misschien hebben wij Nederlanders te weinig feitenkennis over onze geschiedenis, zoals vaak gezegd wordt. En inderdaad, misschien komt dat omdat het geschiedenisonderwijs jarenlang te veel aan thema’s is opgehangen en te weinig aan de chronologische volgorde van historische feiten. Maar daaraan was al een eind gemaakt door de invoering van de tijdvakken van De Rooij.
Zo bezien is de vraag misschien niet zozeer: waarom is minister Plasterk van gedachten veranderd? Veeleer dringt zich achteraf de vraag op: waarom heeft hij ooit zelfs maar overwogen de canon verplicht te stellen?
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.