Een belangrijke rol in het liquidatieproces is weggelegd voor rechtbankvoorzitter Frits Lauwaars. Dat hij die rol met verve kan dragen bewees hij eerder, tijdens het Hakkelaarproces.
Een van de belangrijkste eisen die aan de voorzitter van de rechtbank in het Passageproces worden gesteld is: zitvlees. Pas volgend jaar maart volgt immers de uitspraak in dit liquidatieproces. Gelukkig hééft mr. Frits Lauwaars dat zitvlees. Hij wist in de jaren negentig het eveneens zeer langdurige proces tegen drugsbaron De Hakkelaar voor alle partijen draagbaar te houden.
Dat proces verliep opvallend kalm en gedisciplineerd en Lauwaars had hierin een belangrijke rol. In zijn functie van voorzitter bepaalt hij in grote mate het verloop van strafprocessen, maar als persoon het klimaat, en misschien is dat nog wel belangrijker.
Lauwaars valt op door kennis van zaken, humor en zijn persoonlijke benadering. De voorzitter had tijdens de Hakkelaarzaak, net als tijdens het huidige Passageproces, te maken met lastige advocaten, moeilijk bereikbare verdachten en streberige officieren. Een moeilijk klasje zogezegd, maar Lauwaars is geen leraar die orde houdt door voortdurend mensen in de hoek te zetten. Hij is eerder zo’n docent die overleeft omdat hij al die verschillende leerlingen weet aan te spreken en te boeien. Zijn aanpak kenmerkt zich onder andere door zijn personal touch. Of hij het nu tegen een verdachte, getuige, officier of advocaat heeft, hij weet een juiste toon aan te slaan, en heeft belangstelling voor hun persoonlijke omstandigheden.
Zo begon hij het verhoor van de omstreden kroongetuige Grijze Ad (Ad Karman) destijds met: „Meneer Karman, ik las dat u een half jaar geleden een hersenbloeding heeft gehad. Hoe gaat het nu met u?” En nam vervolgens de tijd voor zijn antwoord. Druk programma of niet.
Hij heeft ook nadrukkelijk aandacht voor de verdachten. „Het gaat hier om ú”, zegt hij regelmatig tegen verdachten die voornamelijk via hun advocaten meedoen aan processen.
Lauwaars heeft ook humor, en dan kan niet van alle voorzitters gezegd worden. Tegen Lambertus K., die tijdens het Hakkelaarproces na een schorsing met een opgerold tijdschrift in de rechtszaal verschijnt: „God, meneer K., heeft u een wetboekje meegenomen?” „Nee president, de Pânorâmâh”, antwoordde K. van de Utrechtse Huppeldijk.
Lauwaars is pas laat als rechter actief geworden. Hij heeft van 1961 tot 1969 rechten gestudeerd in Leiden, was tot 1972 managementtrainee in een veevoederfabriek, tot 1976 organisatieadviseur en tot 1980 assistent van de raad van bestuur van de baggerdivisie van Ballast-Nedam. Toen stapte hij over naar de Amsterdamse rechtbank en werkte eerst drie jaar op de familiekamer. Zeven jaar is hij actief als rechter-commissaris in faillissementen, en pas de laatste vijftien jaar doet hij strafzaken. Hij heeft direct grote (drugs)zaken kunnen behandelen.
Lauwaars legde zich de afgelopen jaren toe op het digitaliseren van de kilometers dossiers op de rechtbank. Pas vorige maand werd hij halsoverkop op het Passageproces gezet, toen voorzitter Dick van den Brink zich om persoonlijke redenen moest terugtrekken.
Gelukkig behandelde Lauwaars vorig jaar al een van Passage afgesplitste zaak: de moord op de Amsterdamse kroegbaas Thomas van der Bijl. Hij kent het dossier dus goed. Lauwaars is op dit moment 64 jaar. De kans is groot dat hij tijdens zijn waarschijnlijk laatste grote strafproces de pensioengerechtigde leeftijd haalt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.