*

 

Brochure over salafisme: ’bang makend broddelwerk’

Rob Pietersen − 30/03/09, 00:00

Er is kritiek op een brochure van Binnenlandse Zaken over de façadepolitiek van salafistische organisaties. „Dit is een veel te ingewikkeld onderwerp voor een rapport in jip-en-janneketaal.”

De inlichtingendienst AIVD en de NCTb, de nationaal coördinator terrorismebescherming, waarschuwen regelmatig voor salafistische predikers die gevaarlijke boodschappen verkondigen. Maar hoe ziet zo’n radicale salafist eruit? En hoe herken je de façadepolitiek van salafistische organisaties?

De AIVD liet in het voorjaar van 2007 weten dat rondtrekkende koranleraren in de provincie sterk anti-westerse boodschappen verkondigden. Gewaarschuwde raadsleden in onder meer Amersfoort, Culemborg, Gouda, Tiel en Ede reageerden verontrust. „Salafisme zegt me niets”, erkende CDA-fractievoorzitter Bert Komdeur (Ede) in deze krant. „Misschien is dat ook wel symptomatisch voor radicalisering. Het gebeurt onder onze neus maar we zien en begrijpen er niets van.”

Voor raadsleden als Komdeur én op verzoek van de Tweede Kamer stelde het ministerie van binnenlandse zaken voor gemeentebestuurders een brochure samen. De ’Wegwijzer Façadepolitiek’, gemaakt door Nuansa (kenniscentrum polarisering en radicalisering), moet de gevaren herkenbaar maken.

Een lijstje indicatoren kan leiden tot ’misclassificatie en stigmatisering’, gaf de NCTb eerder aan. Zoiets is nu gebeurd, zeggen critici. Politicoloog Jean Tillie vindt de Wegwijzer een niemendalletje: „Er staat dat salafistische organisaties doen alsof ze open zijn, dat je altijd welkom bent. Maar als je geen afspraak hebt, als medewerkers van de gemeente onverwacht op bezoek komen, worden ze niet binnengelaten. Dan bedrijf ik dus ook façadepolitiek. Bij mij kom je er zonder afspraak ook niet in”, aldus Tillie die namens het instituut voor Migratie en Etnische Studies onderzoek naar orthodoxie deed.

Ook bij een tweede signaal zet hij vraagtekens. In de Wegwijzer staat: „Een organisatie zegt graag samen te werken met andere partijen in de omgeving, maar van samenwerking blijkt geen sprake. De organisatie wil vooral macht en probeert andere partijen buitenspel te zetten.” Tillie reageert: „Dat is van toepassing op heel veel politieke partijen en andere organisaties. Ik vind dit echt een gemiste kans en heel jammer.”

Wees alert. Verzamel informatie. Ga de dialoog aan. Houd toezicht. Overleg met sleutelfiguren. Raadpleeg specialisten. Dat zijn de tips die de samenstellers van de brochure de lezers meegeven. Alleen maar dooddoeners, zeggen de critici.

„Ik snap het dilemma van de overheid”, aldus Tillie. „De samenleving is bang voor moslimextremisten. Kijk maar naar de grote minderheid die Wilders steunt. De overheid wil problemen benoemen, maar salafisme is veel te ingewikkeld voor een rapport in jip-en-janneketaal. Er is weinig kennis over hoe het salafisme zich manifesteert. Er is veel meer onderzoek nodig voor we een goede wegwijzer kunnen schrijven.”

„Dit zijn politiek gevoelige vragen. Dus ik moet doorverwijzen naar Binnenlandse Zaken”, reageert een woordvoerder van Nuansa. „Wij geven geen reactie omdat Kamerlid Dibi minister Ter Horst hierover vragen heeft gesteld”, zeggen ze bij het ministerie. Dibi (GroenLinks) noemt de brochure ’bang makend broddelwerk’: „Er staat in dat salafisten duidelijk herkenbaar zijn, maar nergens hoe. Iedereen met een baard is verdacht, heeft twee gezichten én een dubbele agenda. Hoe durven ze hier na anderhalf jaar mee te komen? Dit is angst zaaien, het lijkt wel of Wilders dit voor de minister van binnenlandse zaken schreef...”

mailIcon print |