Hoogstens enkele tientallen scholen voldoen dit jaar aan de verplichting om de aanschaf van schoolboeken volgens de Europese regels aan te besteden, bleek deze week. De rest doet dat pas volgend jaar. Dat kan, omdat de boekleveranciers hebben beloofd om scholen die de regels negeren niet voor de rechter te zullen dagen.
Hiermee is het Europees aanbesteden van schoolboeken de facto een jaar uitgesteld. Voor de tweede keer zelfs, want aanvankelijk was het de bedoeling dat scholen zich vorig jaar al aan de Europese regels hielden. De verplichting daartoe vloeit voort uit de wens van het kabinet om schoolboeken gratis te maken voor ouders. Vanaf komend schooljaar moeten scholen die boeken zelf aanschaffen, met geld dat ze van de overheid krijgen.
Maar het lukt scholen maar niet om de vereiste procedures goed te doorlopen. Vorig jaar gaf staatssecretaris Van Bijsterveldt hun daarom al een jaar respijt; zij besloot om ouders eenmalig rechtstreeks een vergoeding te geven voor de kosten van schoolboeken. Daar komt nu dus een nieuw jaar uitstel bij.
Wat gaat er nu precies mis? De kern van de zaak is waarschijnlijk dat het besluit om schoolboeken gratis te maken al genomen was voor het goed en wel doordacht was.
Dat besluit viel in feite op een achternamiddag in oktober 2006. De partijcongressen van CDA en PvdA spraken toen uit dat die maatregel in hun verkiezingsprogram moest. De ChristenUnie was er al langer voorstander van, dus toen die drie partijen over een coalitie onderhandelden, was het besluit snel genomen. Zo komen we ouders tegemoet in de hoge kosten die ze voor hun schoolgaande kinderen maken, was de gedachte.
Niemand besefte destijds dat deze maatregel tot een geweldige rompslomp voor de scholen zou leiden. Doordat die zelf hun boeken moeten kopen, ontstaan namelijk orders die zo groot zijn dat ze onder de Europese aanbestedingsregels vallen. Scholen moeten daardoor ingewikkelde procedures volgen waarmee ze geen ervaring hebben.
Deze ontdekking bracht staatssecretaris Van Bijsterveldt niet van haar stuk. Zij zag geen reden om het plan te schrappen – het stond immers in het regeerakkoord –, maar voerde er nieuwe argumenten voor aan. Dat het de schoolboekenmarkt zou openbreken, bijvoorbeeld, en de kosten zou drukken.
Het doet al met al sterk denken aan een van de mechanismen die de commissie-Dijsselbloem blootlegde rond de invoering van de onderwijsvernieuwingen in de jaren negentig. Zodra een bepaald plan eenmaal is opgenomen in het regeerakkoord, ontdekte Dijsselbloem, is er geen weg terug meer. De politiek houdt zich dan doof voor geluiden dat zo’n plan misschien bij nader inzien toch niet zo verstandig is. Het moet en zal doorgaan.
Een enkele school die haar boeken al Europees aanbesteed heeft, geeft Van Bijsterveldt op één punt trouwens gelijk: nu scholen de boeken die ze voorschrijven zelf betalen, neemt hun ’prijsbewustzijn’ toe. Maar verder hebben ze niets te winnen bij de rompslomp van de gratis schoolboeken; hun hoogste doel is zorgen dat leraren er geen last van hebben. Het is, zoals een schoolbestuurder zei, gewoon ’een heel vervelende klus’.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.