*

 

Plein 2 | Zelfs de parlementariërs van de achterbanken willen na hun interviewtje inzage in de concept-tekst

Door: redactie − 19/02/09, 11:29

Voor veel journalisten op politieke redacties van kranten en weekbladen is het ergernis nummer één: een interview met een minister of Tweede Kamerlid is achter de rug, het vraaggesprek is verwerkt tot een even spannend als interessant verhaal. De voorlichter van de geïnterviewde heeft echter bedongen dat het stuk voor publicatie nog even mag worden gelezen.

Autorisatie, heet dat in het Haagse jargon. Een vreemd woord, want per saldo hoeft een geïnterviewde natuurlijk nooit toestemming te geven alvorens een verhaal wordt afgedrukt. Daar gaat uiteindelijk alleen de journalist en zijn hoofdredacteur over.

Aan het Binnenhof bestaat de praktijk dat interviewafspraken vaak worden gekoppeld aan een soort gentlemen’s agreement om het ontwerp-artikel voor te leggen aan de politicus. Om voor verschijning de weergegeven citaten te controleren, heet het dan, of om ’feitelijke onjuistheden’ in de tekst tijdig te amenderen.

Vrij Nederland-redacteur Thijs Niemandsverdriet heeft in het vakblad De Journalist de al jarenlang zeurende kwestie maar weer eens aan de orde gesteld. De VN-collega was ontploft nadat zijn interview met een politicus (hij schrijft niet wie) uitliep op een bizar gevecht over woorden en formuleringen. Over de ’gecorrigeerde’ tekst die hij retour kreeg schrijft Niemandsverdriet: „Het had in de verste verte niets te maken met feitelijke onjuistheden. (...) Hij had zinnen geschrapt en hele alinea’s toegevoegd. Hij had tussenkopjes veranderd, en hier en daar zelfs stilistische suggesties gedaan. Al met al waren er 129 wijzigingen aangebracht. In een tekst van 3000 woorden betekent dat op iedere 23 woorden een correctie.”

Staatssecretaris Van der Mei streepte driftig

Het probleem bestaat al een hele tijd, weten de oud gedienden op onze politieke redactie. Met huiver denkt een Trouw-collega terug aan een vraaggesprek met de inmiddels vergeten staatssecretaris voor Europese zaken Durk van der Mei, begin jaren tachtig. Deze bewindsman uit het eerste kabinet Van Agt kwam niet zoveel in de publiciteit, maar toonde die keer op zijn werkkamer een opvallende krachtdadigheid. Hij gebruikte ferme taal en de verslaggever schreef die grif in zijn notitieboekje: Ik zal dit en dat van Europa eisen, Nederland moet nu in Brussel eens zus en zo eisen. Zo ging Van der Mei stevig door en het leverde een mooi stuk op.

Of de staatssecretaris het tevoren nog even mocht lezen. Toen het artikel terugkeerde op de redactie was er driftig gestreept in de tekst. Overal waar het woordje ’zal’ stond, had Van der Mei nauwlettend ’zou’ ingevuld. Voor alle keren dat hij de term ’moet’ gebruikte, was zijn alternatief ’kan’ of ’zou kunnen’. Kris kras waren de woorden ’wellicht’ en ’misschien’ toegevoegd. Dat de staatssecretaris de soep niet zo heet wilde eten was logisch, gezien de partij waaruit hij afkomstig was. Zijn Christelijk Historische Unie (CHU) was geen olifant in de porseleinkast.

Niks nieuws dus aan het huidige Binnenhof. Wel vreemd is de gegroeide invloed van het autorisatiespook. In de jaren zeventig en tachtig maakten politieke verslaggevers dergelijke leesafspraken hooguit met bewindslieden of een enkele fractievoorzitter van een grote partij. Inmiddels zijn het allang niet meer alleen de politieke top-dogs die autorisatie wensen.

Balkenende stelt de lees-eis niet meer

Langzamerhand begonnen ook gemiddelde Kamerleden, zelfs de parlementariërs van de achterbanken, na hun interviewtje inzage te eisen in de te publiceren tekst. Bij lang niet alle kranten krijgen ze dat, maar de verzoeken tot lezen veroorzaken op z’n minst irritante hobbels op het pad van de politieke verslaggever. Gewone Kamerleden bedenken dit niet zelf. Dat doen de voorlichters waarvan er steeds meer rond de politieke arena zwermen.

In de Verenigde Staten bestaat het fenomeen eenvoudig niet. Hillary Clinton zal nooit na een vraaggesprek vragen om inzage in het werk van de journalist.

In 2000 heeft een speciale studiecommissie onder leiding van Telegraaf-hoofdredacteur Paradijs vergeefs geprobeerd het autorisatiespook terug in het hok te krijgen. Sommige voorlichters stopten tijdelijk met de eis. Inmiddels is bijvoorbeeld minister van financiën Wouter Bos, net als de meeste PvdA’ers, weer terug op het oude spoor, hij wenst autorisatie. Premier Balkenende en zijn voorlichters op Algemene Zaken stellen de lees-eis momenteel niet. Zodat de praktijk schimmig is. De stap om met autorisatie te stoppen zal van kranten- en weekbladenredacties zelf moeten komen. Die zijn echter soms bevreesd interviews mis te lopen en zijn vaak verdeeld over de voor- en nadelen van autorisatie.

mailIcon print |