*

 
dossier

Goede doelen

'Ze zijn geen last, we hebben ze nódig'

Jet Salomons − 19/11/11, 00:35
Kees Bleichrodt, directeur van het UAF

Het UAF, nummer één bij welzijn en cultuur, helpt vluchtelingstudenten op weg. Dat is niet alleen in hun belang, zegt directeur Kees Bleichrodt. Nederland krijgt zo bijvoorbeeld artsen op een koopje.

'Geert Wilders wil het aantal vluchtelingen dat Nederland binnenkomt met 25 procent terugschroeven", zegt Kees Bleichrodt, directeur van het UAF, een stichting die zich inzet voor vluchtelingenstudenten. Zijn ogen spuwen vuur. "Zo werkt dat niet. Als hij dat wil, moet hij dat tegen die achterlijke Assad in Syrië zeggen die zijn eigen volk doodschiet, of tegen die idioot in Ivoorkust!"

De betrokkenheid van de oprichters van het UAF moet in 1948 net zo groot zijn geweest. In dat jaar vallen Russische troepen Tsjecho-Slowakije binnen. Het is het begin van de koude oorlog, het hele Westen staat op zijn kop, vertelt Bleich­rodt over de beginjaren van de stichting. Iedereen is verontwaardigd over de coup en is bang dat 'het rode gevaar' verder naar het Westen zal doorstoten.

Ieder kritisch geluid wordt in Praag gesmoord in bloed. Academici en andere kritische geesten proberen het land uit te vluchten. Rectoren van Nederlandse universiteiten slaan de handen ineen en besluiten hoogopgeleide vluchtelingen de kans te geven in Nederland hun promoties en studies af te maken. Om dat te bekostigen - in die tijd was er nog geen studiefinanciering - richten ze een fonds op: het Universitair Asiel Fonds.

Vijftig academici worden in Nederland door verschillende universiteiten opgevangen. "Ook toen zei de regering al: 'Oeps, wat halen we allemaal binnen. We moeten ze helpen, maar het moeten er niet te veel worden.'", zegt Bleichrodt. "Er was toen nog geen vluchtelingenbeleid. Dat is pas in de jaren zeventig tot stand gekomen."

Na de Tsjecho-Slowaken, helpt het UAF in 1956 Hongaren die vluchten voor de Russen, gevolgd door Chilenen die lijden onder het regime van Pinochet en Argentijnen die het schrikbewind van Videla ontvluchten. "Het UAF is een barometer van de wereldgeschiedenis: als ergens de pleuris uitbreekt, zie je dat in onze wachtkamer", zegt Bleichrodt. "De vluchtelingen zijn vaak mensen die onafhankelijk denken en niet het liedje van de dictator zingen."

Intussen komen de meeste UAF-studenten uit Afghanistan, Irak en Iran. Amper uit Somalië, waar wel al jarenlang de grootste aantallen vluchtelingen vandaan komen.

"Logisch", vindt Bleichrodt. "De mensen die wij helpen, hebben minimal twaalf jaar onderwijs gehad. In Somalië zijn er al meer dan twintig jaar geen goed functionerende onderwijsinstellingen meer. Dus als je bekijkt hoeveel procent van de Somaliërs wij hielpen toen de vluchtelingenstroom in 1989 begon, en dat vergelijkt met het percentage binnenkomende Somaliërs dat wij nu nog helpen, is het aandeel gedaald."

De keuze voor hoger opgeleide vluchtelingen, komt voort uit het universitaire begin. Maar de hoogopgeleide groep kan de hulp van het UAF ook goed gebruiken, volgens Bleichrodt. "Voor laagopgeleiden zijn er vaak wel gemeentelijke projecten die hen aan de slag helpen. Of ze kunnen terecht bij VluchtelingenWerk Nederland, waar wij ook veel mee samenwerken. Voor hoger opgeleiden zijn dat soort projecten er niet."

Om de slimme vluchtelingen weer op hun eigen niveau te laten werken, hebben ze een herkenbare startkwalificatie nodig. "Een architectenbureau kan de kwaliteit van een bouwkundediploma uit Bagdad niet inschatten. Wij helpen ze aan die kwalificatie, want het is zonde om hun potentieel te laten liggen."

Wij hebben hen ook nodig, zegt Bleich­rodt: "De uitstroom uit de universiteiten is niet hoog genoeg om het aantal met pensioen gaande babyboomers te compenseren. We praten elkaar aan dat vluchtelingen ons alleen maar tot last zijn. Dat ze hier komen om op onze portemonnee te leven. Onze ervaring is dat wij hen juist heel goed kunnen gebruiken."

Van de vierhonderd artsen die het UAF de laatste tien jaar voor de Nederlandse markt omschoolde, heeft 96 procent een baan als arts of specialist. "En vergis je niet", voegt Bleichrodt toe. "Het zijn de goedkoopste artsen die we hebben. In het land van herkomst zijn ze vaak al arts geweest, of al een eind op weg in hun opleiding. Hier volgen ze een verkort traject dat veel goedkoper is dan van de Nederlandse student."

Niet alle studenten die zich aanmelden komen in aanmerking voor steun van het UAF. Bleichrodt: "Er moet wel een gerede kans zijn dat ze hier mogen blijven, en dat ze de eindstreep van hun studie gaan halen. Anders denkt de donateur ook: 'Goh, er worden wel heel weinig bullen uitgedeeld van mijn geld.'"

Ondanks selectiecriteria en dalende vluchtelingenaantallen, heeft het UAF zijn handen meer dan vol. Een vluchteling die door de selectieprocedure van het UAF komt, moet nu zo'n half jaar wachten voordat hij of zij kan beginnen. Het is een gevoelige kwestie. Bleichtrodt: "We hebben kritiek op de wachtlijsten van het IND, maar intussen zijn ze ook bij ons ontstaan. We krijgen die klacht soms ook van onze donateurs terug. Dat doet pijn."

"Het is ook gewoon zonde. Iemand die heel graag verder wil met zijn studie en leven, moet eerst nog een half jaar stilstaan." Over de oplossing wordt intern nog gediscussieerd. Denkbaar is dat ze zich weer gaan  richten op ondersteuning bij hbo- en universitaire opleidingen en minder op mbo-diploma's. "Onze donateurs geven aan dat ze het belangrijk vinden dat het gedachtengoed waarmee het allemaal begon niet te sterk verwatert."

Wie is de UAF-student?


In 2010 hielp het UAF 3235 studenten uit 83 landen. 47 procent ging naar het hbo, 38 procent studeerde aan de universiteit, terwijl 15 procent een mbo-opleiding volgde.

Vluchtelingen moeten aan drie criteria voldoen om tot UAF-student gebombardeerd te worden. Ze moeten voldoende vooropleiding hebben, wat meestal neerkomt op een totaal van twaalf jaar.

Ook moeten ze al enigszins Nederlands spreken als ze zich aanmelden bij het UAF. Directeur Kees Bleichrodt: "Snelle taalverwerving zegt iets over iemand leervaardigheid en over iemands wil om er hier iets van te maken."

Het derde criterium is dat hun asielaanvraag stevig moet staan. Het UAF heeft specialisten in dienst die binnen zes maanden de aanvraag hebben beoordeeld. "Wachten op de uitspraak van de IND duurt simpelweg te lang."

Van de studenten krijgt 90 procent een aantal jaar later ook van de IND een verblijfsvergunning. 

Van alle studenten die zich aanmelden, komt 85 procent door deze drie selectiecriteria. Zij beginnen met een 1 à 2 jaar durend voorberreidingstraject. Na die tijd valt nog zo'n 10 procent om allerlei redenen uit, een iets hoger percentage dan Nederlandse studenten.

Een deel hiervan wordt door het UAF zelf uit het programma gezet: "Het is niet vrijblijvend studeren", zegt Bleichrodt. "We volgen de studieresultaten van onze studenten. Halen ze te weinig punten, dan kijken wij waarom.

Heb je familie in Kunduz, en is Kunduz een maand lang elke dag in het nieuws omdat er aanslagen zijn, dan is dat een geldige reden. Maar als je geen punten haalt omdat je te veel in de kroeg zit, dan stoppen we. De meeste vluchtelingen hebben daar overigens geen probleem mee. Die vinden de kans die ze krijgen zo uniek, dat ze heel gemotiveerd aan het werk zijn."

Geldstromen om 3235 studenten op weg te helpen

Verschillende partijen steunen het UAF. Zo ontving het fonds in 2010 één miljoen euro via de Nationale Postcode Loterij en iets meer dan 2,8 miljoen euro aan overheidsubsidies. Via eigen fondsenwerving verzamelde het UAF iets meer dan 3,5 miljoen euro bij onder andere particulieren, universiteiten, hogescholen en bedrijven. Eindbudget voor 2010: zo'n 7,5 miljoen euro.

Van al het binnengehaalde geld werd 87 procent besteed aan het op weg helpen van 3235 vluchtelingstudenten. Hieronder valt het geld dat direct naar de studenten ging, maar ook het geld dat aan hun begeleiding werd uitgegeven en de kosten voor de voorlichtingsactiviteiten die het UAF op asielzoekerscentra gaf. De overige 13 procent van het budget werd besteed aan geldinzamelingsacties en administratieve taken.

Adempauze voor opgejaagde academici

Naast vluchtelingen helpt het UAF sinds 2008 ook wetenschappers die zuchten onder het regime van hun land, maar (nog) niet als vluchteling hun land willen verlaten. Het idee komt van de Amerikaanse organisatie Scholars At Risk.

Zij zoeken in de Verenigde Staten
tijdelijke plekken aan universiteiten om vervolgde academici  een adempauze te bieden. Het UAF doet ­- op Amerikaans verzoek - nu hetzelfde in Nederland.

Op de universiteit van Maastricht en Wageningen na, bieden alle Nederlandse universiteiten één of twee tijdelijke plekken. Na zo'n tijdelijke aanstelling blijven veel academici hoppen: eerst een plek in Utrecht, dan voor twee jaar naar Berlijn, net zolang tot het weer veilig is om terug te keren naar hun vaderland. Sommigen vragen uiteindelijk toch asiel aan.
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />