*

 

Ecologische technocraten vergeten natuurliefhebbers

Mirjam de Groot, onderzoeker bos- en natuurbeleid Wageningen University − 03/02/12, 14:01
Vooral de natuurminnende burgers ¿ zoals deze vogelspotters ¿ nemen de moeite om mee te denken over natuurbescherming. © ANP

opinie De planners van ecosystemen hebben maar last van gewone burgers in natuurgebieden, die heel andere ideeën hebben over het beheer.

De natuurbescherming in Nederland sombert: bezuinigingen, een herijking van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en weglopende donateurs bij natuurorganisaties.

Om meer steun voor natuurbescherming te verwerven, vindt Maarten Hajer, directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving, dat alle natuur (beter) toegankelijk gemaakt moet worden (Trouw, 26 januari). Mensen zullen dan vaker de natuur opzoeken, en de ervaringen die zij er opdoen zorgen voor meer steun voor de bescherming ervan, zo is zijn redenering.

Bij een enquête over natuur en landschap, de belevingswaardenmonitor 2009, vond echter 78 procent van de ondervraagden de natuur al (zeer) goed bereikbaar. Bereikbaarheid is dus niet de kern van het probleem, meer parkeerterreinen in de natuur vormen geen oplossing. Om het draagvlak voor natuurbescherming te vergroten hoeven we ook niet alle natuur een functie te geven.

In mijn promotieonderzoek bleek dat 90 procent van de mensen natuurgebieden ook belangrijk vindt als deze de mens niks opleveren. Laten we dus niet in een kramp schieten en overhaast onze natuurgebieden omvormen tot hapklare consumptiegoederen.

Natuurbeschermend Nederland heeft een heel ander probleem: de eenzijdige focus op ecologie. Aan het roer van de meeste natuurbeschermingsorganisaties staan ecologen. Zij zijn opgeleid om ecosystemen te doorgronden en de effecten van beheers- en herstelplannen voor de natuur in te schatten en te evalueren. Dit leidt doorgaans tot een zeer eenzijdige benadering van natuurbeheer waarin voor afwijkende visies op natuur weinig plek is.

Waren het vroeger betrokken burgers die Natuurmonumenten oprichtten, nu verzetten juist vaak betrokken mensen zich tegen plannen van dergelijke instituties, omdat zij zich daar niet meer in kunnen vinden.

Sprekende voorbeelden stonden ook deze week weer in Trouw: Martin Verbruggen ageerde op de voorpagina dinsdag tegen een door de beheerders nagebootste 'storm' die de bossen tussen Oss en Uden gehavend heeft achtergelaten. Dit experiment kan ecologisch interessant zijn, maar ethische of emotionele overwegingen lijken nauwelijks meegewogen.

Ethisch gezien is 'n moedwillig nagebootste storm van een andere orde dan een echte. In het laatste geval is het aan de natuur, niet aan de mens. Achter veel besluiten in het natuurbeheer schuilt dan ook een discussie over de relatie tussen mens en natuur: in hoeverre moeten wij de natuur helpen en kunnen wij dat wel?

Deze vragen spelen ook bij het kappen van 300 hectare bos ten zuiden van Nijmegen ten behoeve van heideminnende diersoorten. De actiegroep 'Red ons Bos' vindt dat de mens niet moet ingrijpen, omdat juist de spontane ontwikkeling in het gebied maakt dat het natuur is.

Uit recent onderzoek van bureau Alterra bleek dat ook de binding met de natuur een belangrijke drijfveer voor hen is om te protesteren. Vooral burgers die in hun omgeving de natuur vaak bezoeken en zich erbij betrokken voelen, worden diep in hun vertrouwen en hart geraakt bij ingrijpende veranderingen op de plek die zij zich gevoelsmatig hadden 'toegeeigend'. Vreemd genoeg is juist deze verbintenis met de natuur doel van de educatieve programma's van natuurbeschermingsorganisaties.

Maar ecologen hebben last van burgers die hun passie voor natuur delen maar andere ideeën hebben over het beheer ervan. Voor de terreinbeheerders kwam het protest in de bossen bij Nijmegen onverwacht omdat zij geen rekening hadden gehouden met andere natuurvisies en de band van omwonenden met het gebied. Zij hadden het echter wel kunnen weten. Een paar jaar eerder speelde hetzelfde bij het Drents-Friese Wold. Hadden daar geen lessen uit getrokken kunnen worden?

Deze lokale voorbeelden geven klip en klaar aan dat het natuurbeleid vooral wordt vormgegeven vanuit de eigen technocratische wereld van ecologen, waarin geen of zeer weinig aandacht is voor de visie van de burger.

Niet dat de burger altijd zijn gelijk moet kunnen halen, maar meer aandacht en oprechte interesse in de belevingswereld van de burger bij het ontwerpen en uitvoeren van natuurbescherming zouden zowel de beheerders als de natuur veel goed doen. Temeer omdat het vooral de natuurminnende en betrokken burgers zijn die de moeite nemen om mee te denken over natuurbescherming.
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />