*

 

Niemand stond stil bij risico's van kernafval-light

Joost van Egmond − 19/12/11, 20:24
De nieuwe opslaghal in Vinca, een betonnen kolos waar nu nog een proefopstelling staat. FOTO © JOOST VAN EGMOND

Licht kernafval kreeg de afgelopen decennia weinig prioriteit. Het blijkt vaak erbarmelijk opgeslagen, zeker in Zuidoost-Europa. In het Servische Vinca is nu met EU-steun een veilige, betonnen opslagloods verrezen. De grote schoonmaak kan beginnen.

Gewapend met een stralingsmeter loopt de medewerker voorzichtig op hangar nummer 1 af. Stap voor stap kijkt hij op de teller. Op pakweg 30 meter van de hangar is het mooi geweest; het apparaat zegt 0,5 microsievert, minder dan bijvoorbeeld een röntgenfoto, maar gezond is anders. De rondleiding stopt hier.

Het is dichtbij genoeg om een indruk te krijgen. Hangar nummer 1 is flink aan het wegroesten. Zo ook de vaten vol met licht radioactief afval die erin staan. Hoeveel het precies is weet niemand, daar komen we binnenkort achter als de inhoud eindelijk wordt geleegd en overgeplaatst naar een splinternieuwe opslag honderd meter verderop.

Het nucleaire complex in Vinca, even buiten de Servische hoofdstad Belgrado, biedt in één blik het verleden en de toekomst van de opslag van kernafval. In voormalig Joegoslavië was dit een prestigieus onderzoekscentrum. In twee kleine reactoren werden proeven gedaan voor het nucleair programma dat moest leiden tot een eigen kerncentrale.

Die kwam er nooit, de ramp in Tsjernobyl in 1986 maakte een einde aan de ambities.

Het lommerrijke centrum in Vinca raakte in onbruik, maar het afval bleef. Afval dat is opgeslagen volgens de normen van een andere tijd.

"Hangar 1 voldoet niet aan de huidige standaard, het is een zootje", zegt directeur Jagos Raicevic onomwonden. Een schande vindt hij dat niet. "Deze opslag is vijftig jaar geleden gebouwd. Er was toen weinig kennis over kernafval en geen regulering. Je vindt overal in de wereld vergelijkbare hangars."

Het stralingsgevaar van dit soort afval geldt als een kleinigheid vergeleken met bijvoorbeeld reactorbrandstof, waarvan de opslag in Duitsland vorige week weer voor grote ophef zorgde. Het gaat met name om materiaal dat aan straling blootgesteld is geweest; beschermende pakken of instrumenten. In jargon heet het low level waste, oftewel: licht kernafval.

Maar het kleinere gevaar voor de volksgezondheid heeft ook een keerzijde. Kernafval-light heeft geen prioriteit. Hoe het wordt bewaard, is een zaak van nationale overheden. Harde normen voor de opslag zijn er niet. Het Internationaal Atoomenergieagenschap IAEA publiceert standaarden en biedt graag technische assistentie aan landen die ze willen opvolgen, maar mengt zich niet in de keuzes van lidstaten. Het laat veel ruimte voor opslag zoals in Hangar 1. Vinca breekt nu met dat verleden, met steun van de Europese Commissie en het IAEA.

De nieuwe opslaghal is een compleet ander verhaal dan de beruchte Hangar 1. De grote hal is leeg, op een stapel van de iconische knalgele vaten na. Het is een proefopstelling, want de loods gaat later deze maand pas echt open. Met gepaste trots toont Jadranka Djuricic, directeur afvalbeheer in Vinca, de betonnen kolos. "Dit is het beste van het beste."

Toch is de dikte van de muren niet het belangrijkste. Verantwoord beheer is het lastigste. Zeker in Zuidoost-Europa is de laatste decennia het zicht op de nucleaire afvalberg zoek geraakt. Niemand weet precies wat waar ligt. Vinca zou, als enige kernonderzoekscentrum van ex-Joegoslavië, alle kernafval in huis moeten hebben, maar zeker is dat niet.

"Afval als dit moet zo'n driehonderd jaar buiten het milieu blijven", zegt Jan Haverkamp, expert bij milieuorganisatie Greenpeace. "Dat vereist niet alleen goede opslag, maar ook stabiliteit in de komende drie eeuwen. Dat kun je niet garanderen, dat is een sprookje."

In Vinca ligt de nadruk dan ook op een goede organisatie van het afval, zegt Djuricic. "Toen ik hier kwam werken, was hangar 1 nog in gebruik. We deden maar wat. Noteren wat waarheen ging, was niet gebruikelijk. Materiaal werd aangeleverd, je deed het in een vat en plaatste dat tegen de muur. Niemand stond lang stil bij de risico's van radioactiviteit. Je ziet het niet, je ruikt het niet. Het is gewoon afval. Nu doen we niets zonder te plannen. Al die administratie verhoogt de veiligheid in hoge mate."

Het eerste dat hier zal worden opgeslagen is hangar 1, waarschijnlijk met muren en al. De grootste toer van de verhuizing wordt om alle afval te meten, te scheiden, samen te persen en te labellen. Raicevic vergelijkt het met een herinrichting van de woonkamer. "We bekijken alles, en wat oud en versleten is gaat eruit." Dat zijn volgens schattingen zo'n drieduizend tot vijfduizend objecten, stralingsgevaar nog onbekend. "Wij zijn vanwege de Joegoslavische geschiedenis een klein land met een heleboel afval."

Na de grote schoonmaak zit Vinca met een grote opslag voor een klein land. Servië produceert vandaag de dag, met zijn medische industrie en kleinschalig onderzoek, hooguit 20 kubieke meter afval per jaar. Het leidt tot discussies of Vinca de deuren moet openen voor afval van andere landen, waar de opslag slechter is geregeld, maar dat raakt een open zenuw.

"Er komt hier geen nieuw afval vanwege die nieuwe loods", zegt Raicevic plechtig. "Het zou wellicht logisch zijn, maar op het moment is het onhaalbaar." Landen in de regio verbieden vaak bij wet de import van kernafval. Dat leidt tot vreemde taferelen, zoals een dispuut tusen Kroatië en Slovenië, die een reactor op Sloveens grondgebied delen. Kroatië weigert 'zijn' deel van het afval op te nemen, mede omdat het niet over een goede loods beschikt. Er zullen op de Balkan nog heel wat betonkolossen zoals in Vinca moeten verrijzen om het afvalbeheer echt veiliger te maken.
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />