Hans Marijnissen en Wilma van Meteren −
17/12/11, 11:01
De Loonse en Drunense duinen in Noord-Brabant. ©Koen Verheijden
Nog een kleine week te gaan, en dan is duidelijk welke provincies het Natuurakkoord met staatssecretaris Bleker ondertekenen en welke niet. Intussen neemt de onduidelijkheid over de consequenties van een weigering toe.
Met het akkoord wil het kabinet de weg vrijmaken voor een bezuiniging van 600 miljoen euro op natuur en tegelijkertijd de zorg voor die natuur overdragen aan de provincies. Als vergoeding voor de nieuwe taken mogen die dan weer 100 miljoen euro onderling verdelen.
Noord-Brabant, Groningen en vermoedelijk Flevoland zullen het 'te vage' akkoord niet ondertekenen. Noord-Holland en Drenthe zijn zeer kritisch en hebben de stemming uitgesteld tot aankomende week.
Aanvankelijk stelde het Interprovinciaal Overleg (IPO) dat namens de provincies een principe-akkoord met Bleker tekende, dat alle provincies hun 'ja' moesten geven, omdat er anders geen akkoord zou zijn. Maar de afgelopen dagen werd duidelijk dat Bleker en de welwillende provincies koste wat kost zullen doorgaan, ook al haakt een kwart af.
Bleker zei deze week dat de provincies die instemmen, kunnen rekenen op het naleven van de in het akkoord gemaakte afspraken, én dat er geen beloning komt voor nee-stemmers. Veel meer druk kan hij niet uitoefenen. Volgens Cees Versteden, specialist in provincierecht, zijn provincies zelfstandige lichamen. "En een akkoord is een overeenkomst tussen twéé partijen." Het IPO kan van alles toezeggen, maar het zijn de provincies die beslissen. De provincie kan zelfs ingaan tegen kabinetsbeleid. "Het kabinet heeft bijvoorbeeld besloten de zorg voor het sociale domein weg te halen bij de provincies", aldus Versteden. "Limburg heeft in zijn eentje besloten toch zelf subsidies met dit doel te verlenen." De Provinciewet uit 1994 beschrijft ook dat er onderscheid mag zijn tussen de bevoegdheden van provincies.
Van de andere kant, zegt Versteden, kunnen weigerachtige provincies het akkoord dat Bleker sluit met de andere provincies niet frustreren. Hij mag dus deelakkoorden sluiten, waardoor er niet langer sprake is van één Natuurakkoord, maar van twaalf autonome situaties. De nee-zeggers kunnen dan naar het geld voor natuur fluiten. Onduidelijk blijft wie er vervolgens verantwoordelijk is voor de natuur in die provincies. De nee-zeggers zullen wijzen naar het Rijk. Formeel hebben ze daar gelijk in. Maar daar is de kas leeg.
Brabant wil nieuwe onderhandelingenOm uit de impasse te komen, suggereert de Brabantse gedeputeerde J. van den Hout (SP) nieuwe onderhandelingen met Bleker.
U zei al dat niemand blij is met het Natuurakkoord, u zelf toch ook niet?"Het is een ongelofelijke aanslag. We krijgen serpentine-natuur, kleine eilandjes waarin dieren geen kant op kunnen. We gaan een aantal Europese verplichtingen zeker niet halen."
Toch wilde u dat de Brabantse Provinciale Staten instemden?"Dat provincies zeggenschap krijgen over het natuurbeleid is belangrijk. Daar gaat het Natuurakkoord over. Maar de Staten zijn op de stoel van de Kamer gaan zitten en hebben vanwege de bezuinigingen het akkoord weggestemd."
Straks staan jullie aan de kant?"Ik hoop natuurlijk dat er een oplossing wordt gevonden zodat we toch betrokken kunnen blijven. In het nieuwe jaar moeten we met de staatssecretaris om tafel."
Bleker heeft toch al gezegd dat er geen beloning komt voor de nee-stemmers?"Niet alleen Noord-Brabant en Groningen hebben een probleem, ook de staatssecretaris zelf. Hij wil taken van het Rijk aan de provincies delegeren. Dan zal hij zijn knopen moeten tellen en toch ook met ons afspraken moeten maken."