Simone Lautenbach −
10/05/11, 15:20
Foto: THINKSTOCK
Katten, honden, koeien, varkens, paarden en zelfs goudvissen hebben een aandeel in de vernietiging van de regenwouden in Zuidoost-Azië. Een onderzoek van non-profit organisatie Profeorest in opdracht van de Britse overheid toont aan dat meer dan één tiende van alle geproduceerde palmpitschilfers, een bijproduct van palmolie, ter wereld gebruikt wordt in het voer van Britse dieren.
Groot-Brittannië importeert meer dan een half miljoen ton van de olie per jaar, zo meldt
The Guardian. Maar het land importeert nog meer bijproducten en verwerkt deze als ingrediënt in diervoeding, maar ook in koekjes, margarine, shampoo en snoep. In de supermarkten staan de schappen voor een derde vol met palmolie producten en op de tankstations wordt het verwerkt in biodiesel. Veruit het grootste deel van de geïmporteerde olie wordt echter gebruikt voor diervoeding.
DuurzaamVolgens het
rapport zijn retailers en fabrikanten van voedingsartikelen voor menselijk gebruik druk bezig met het zoeken naar alternatieven voor palmolie. Ze willen duurzame en gecertificeerde olie gebruiken die de regenwouden niet verwoest. Fabrikanten van diervoeding tonen daarentegen 'weinig besef van duurzaamheid'.
Het ministerie van Voedsel en Plattelandszaken is van mening dat sommige bedrijven proberen zich te verontschuldigen voor het gebruik van bijproducten van palmolie. 'Hun smoes is dat het product dat zij gebruiken slechts een bijproduct is van palmolie, maar het is niet zomaar een bijproduct. In Groot-Brittannië voeren we vijf keer zoveel palmpitschilfers in als palmolie', zei Sara Eppel van het ministerie.
Volgens Eppel is ook de Britse regering schuldig aan het vele gebruik van palmolie en de bijproducten. 'De overheid koopt veel voedsel en andere producten die palmolie bevatten. Het aankoopbeleid zegt niets over duurzame olie en in de voedselreglementen voor dit jaar is ook niets over palmolie vastgelegd'.
Het grootste deel van de palmolie komt van plantages in Maleisië en Indonesië. Actievoerders melden dat de ontbossing blijft doorgaan om aan de groeiende vraag wereldwijd te blijven voldoen.
BewustzijnHet rapport heeft ook iets goeds te melden. Groot-Brittannië is de afgelopen vijf jaar veertig procent minder olie gaan importeren. Bijna een kwart van de nu geïmporteerde olie is duurzaam. Vooral supermarkten en fabrikanten van merkartikelen reageren op het bewustzijn bij consumenten en zoeken naar duurzame leveranciers. Anderen veranderen hun aankoopbeleid niet, zoals restaurants, cafés en de Britse regering.
NederlandOok in Nederland worden veel bijproducten gebruikt als ingrediënten voor diervoeding. In 2009 deed de Animal Sciences Group van de Wageningen Universiteit
onderzoek naar de invloed hiervan op het milieu. Theun Vellinga, een van de onderzoekers, vertelt dat de laatste Nederlandse cijfers uit 2004 komen. 'Daarna heeft het Productschap Diervoeders geen cijfers meer naar buiten gebracht. Dat is jammer, want daardoor missen we enkele nuttige overzichten.'
Dat diervoeders zich niet druk maken om het gebruik van palmolie trekt Vellinga in twijfel. 'Ze zijn wel degelijk betrokken en het begint steeds meer een zorg voor ze te worden om duurzame diervoeding te produceren. Ze zijn zich bewust van het feit dat bijproducten van palmolie geen lieverdjes zijn, maar het afval dat rest na productie van biobrandstoffen kun je beter in diervoeding verwerken dan in een gat in de grond stoppen.'
Niet negerenVellinga denkt dat het gebruik van palmolie in Nederland al met al wel meevalt. 'Als ik kijk naar de laatste cijfers uit 2004, dan zien we dat er op 12 miljoen kilo krachtvoer, voor varkens, koeien en pluimvee, 66.000 kilo palmolie wordt gebruikt en 649.000 kilo palmpitschilfers. Dat is 5,5 procent van het totaal en in verhouding een klein deel. Bovendien wordt er tien keer meer afval gebruikt dan palmolie zelf. Maar zoals gezegd is de industrie wel degelijk bezig met het verkleinen van dit aandeel. Ze kunnen en willen het niet negeren'.
TaskforceIn april dit jaar kwam naar voren dat Nederlandse veevoerbedrijven, supermarkten, bakkers en margarinefabrikanten van plan zijn om in 2015 alleen nog gebruik te maken van duurzame palmolie. De productie mag niet meer ten koste gaan van tropisch regenwoud. Dat hebben de bedrijven die samenwerken in de Taskforce Duurzame Palmolie afgesproken. Uiterlijk in 2015 moet alle palmolie die in Nederland wordt verwerkt in onder meer zeep, brood, koek, margarine en ijs duurzaam zijn. De supermarkten hebben afgesproken dat ze van de fabrikanten van hun huismerken gaan eisen dat die duurzame palmolie gebruiken.
De Nederlandse bedrijven hebben zich hiervoor aangesloten bij de criteria die de Roundtable Sustainable Palm Oil (RSPO) hanteert. De RSPO is een internationaal gezelschap van bedrijven die afspraken hebben gemaakt over duurzame productie.
In de wereld wordt jaarlijks 46 miljoen ton palmolie geproduceerd. Ieder jaar komt er 3 miljoen ton bij.