*

 

Wolken van vogelgeweld

Koos Dijksterhuis − 12/06/09, 00:00

„Het lijkt of we door die geul kunnen”, zegt Staasbosbeheerder Leon Kelder, „maar daar loopt zelfs deze opblaasboot tegen de grond. De geulen liggen trouwens telkens ergens anders, je moet hier goed de vaarweg weten.”

  • Kuifeend met jongen (Koos Dijksterhuis)

We varen naar De Kreupel, de jongste IJsselmeerpolder (2003). Twee zandplaten in een lage dam van bazaltblokken. Een atol van zeventig hectare bij Medemblik. De Kreupel is genoemd naar de naburige IJsselmeergeul waar veel spiering zwemt. Spiering is geliefd bij sternen, meeuwen en aalscholvers. De vogels kleuren de Kreupel wit met zwart.

Een kuifeend met veertien kuikens peddelt verschrikt opzij. Zoveel kuikens; dat moeten meerdere gezinnen samen zijn, geadopteerd of gebabysit. De kuifeend slaat met nep-lamme vleugels flappend en spetterend voor ons op de vlucht. Weg van de jongen. Direct vliegen er twee kleine mantelmeeuwen toe. Schijnbaar terloops zweven ze na elkaar op de eendenkuikens af. De zwarte donsbolletjes duiken onder als de eerste aanvalt. Net als ze opduiken passeert mantelmeeuw nr. 2. Hij grijpt mis. Als ze nou maar niet.., vanwege onze verstoring...

De mantelmeeuwen hergroeperen zich en ik houd mijn hart vast. Plotseling pakt zich een krijsende onweerswolk samen van honderden kokmeeuwen en visdieven. Ze storten zich op de mantelmeeuwen, die zich als de weerlicht uit de vleugels maken. „Tegen zo’n muur van geweld kunnen ze niet op”, grijnst Leon. „Er broeden 3500 paar kokmeeuwen en 5200 paar visdieven. De grootste kolonie van Nederland en misschien wel Europa.” Visdiefjes vinden hier rust, veiligheid en spiering. Bijna alle broedkolonies op de wal zijn verlaten, de vogels verhuisden naar De Kreupel. Pas als het hier vol zit, zullen ze de wal terugvinden.

mailIcon print |