Tot op zekere hoogte had Barack Obama het met het tijdstip van zijn inauguratie volgende week dinsdag niet beroerder kunnen treffen. Op een moment dat de economie nog verder achteruit kachelt en het einde nog lang niet in zicht is.
Op een moment ook dat het Midden-Oosten met de bloedige Israƫlische interventie in Gaza andermaal in brand staat. En uitgerekend op een moment ook dat Amerika (gezien zijn prestigeverlies in Irak) minder dan ooit in staat lijkt in de beteugeling van dit conflict een leidinggevende rol te spelen.
Kort na zijn uitverkiezing in november waren de omstandigheden ook weinig rooskleurig. Maar toen overheerste toch vooral het optimisme dat hij het verschil zou kunnen maken. Het was al bijzonder dat hij als eerste zwarte president gekozen was en hij met zijn uitverkiezing nieuwe bevolkingsgroepen aan zich gebonden had. Nog bijzonderder was dat hij voor een breed publiek de belichaming leek van een nieuw elan, waarmee de Verenigde Staten af zou rekenen met de beladen erfenis van zijn voorganger, George W. Bush. Obama gaf zijn land en de rest van de wereld hoop op een keer te goede.
Dit optimisme, deze hoop is er nog wel, maar de twijfel begint zwaar te wegen. Het risico is niet denkbeeldig dat de economische crisis hardnekkig is en Obama verantwoordelijk zal worden gehouden voor de slechte resultaten. Hetzelfde geldt voor de toestand in het Midden-Oosten: uitblijvende resultaten, of zelfs een verergering van de situatie, kunnen zich gemakkelijk tegen hem keren.
Het hoeft natuurlijk niet. President Franklin Delano Roosevelt leidde zijn land met succes door de zware crisis van de jaren dertig. Met zijn (op zichzelf omstreden) New Deal en met, niet te vergeten, zijn aanstekelijke optimisme, dat vereeuwigd is in het campagnelied van zijn partij: Happy Days are here again. Tijdens de Tweede Wereldoorlog liet Roosevelt zich evenmin uit het veld slaan. Hij zag kans het zelfvertrouwen van de natie overeind te houden, wat in kommervolle omstandigheden op zichzelf al een verdienste is. Zoals de hier vaak verguisde president Reagan in de jaren tachtig kans zag datzelfde Amerika na een reeks debacles het zelfvertrouwen terug te geven.
In mijn brief aan Obama zou ik hem op deze twee presidenten wijzen, als voorbeeld om zich niet van de wijs te laten brengen door de omstandigheden. Want daar heeft een president maar beperkt greep op. Hoe hij ermee omgaat, daar komt het op aan. Op zijn houding. Zoals Willem van Oranje in de aan hem toegeschreven lijfspreuk tot uitdrukking bracht: het is niet nodig te hopen om te ondernemen, noch te slagen om te volharden. Ondertussen vraag ik me af: wat zou u aan Obama schrijven. Wat verwacht u van hem als nieuwe president?
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.