Hoofdredactie −
25/07/11, 08:57
commentaar
Het is nog nauwelijks te bevatten wat er afgelopen vrijdag in Noorwegen is gebeurd. Een 32-jarige blanke Noorse terrorist die het land op zijn grondvesten laat schudden.
Eerst de aanslag in het politieke hart van Oslo. Vervolgens vuurt hij, vermomd als politieagent op het eiland Utoya, op tientallen socialistische jongeren. Een kleine honderd doden tot gevolg.
Met Noorwegen zijn wij allen in shock. Het land met maar 5 miljoen inwoners was er zo trots op een idyllische, open, democratische en vredelievende natie te zijn. De dader wilde deze samenleving doelbewust veranderen, 'evolueren' volgens zijn advocaat.
In zijn manifest op internet roept hij in vele honderden pagina's het Westen op de samenleving te ontdoen van onder meer het marxisme, de islam, de multiculturaliteit, het feminisme en de egaliteit. Hij wil dat christenen een nieuwe kruistocht tegen moslims beginnen en beschrijft gedetailleerd hoe dat zou moeten.
"We zullen deze beproeving overwinnen. Ik zal onze open democratie en onze betrokkenheid bij een betere wereld niet kapot laten maken", reageerde premier Stoltenberg gisteren.
Toch is Noorwegen dit weekend hardhandig geconfronteerd met de fragiliteit van zijn open samenleving. Het land ontkomt er niet meer aan extra veiligheidsmaatregelen te treffen bij de regeringsgebouwen. En de volgende keer dat de socialistische jongeren naar het eiland Utoya trekken, zullen ze zich zeker omringd weten door veiligheidsbeambten.
De grootste schrok is wellicht dat het om een etnische Noor gaat. Met het moslimextremisme dat het Westen al een decennium in zijn greep houdt, gaat het om een vijand van 'buiten'. Maar hoe kan een land zich weren tegen een vijand van binnen? Wat beweegt iemand om tientallen onschuldige landgenoten te doden?
Dat het deze keer geen moslimextremist is, maar een blanke man, die zich een overtuigde christelijk-conservatief noemt, is nieuw. Dit gaat niet om een gevaarlijke of geïsoleerde gek, maar om een politiek-extremist. Iemand die zijn overtuiging gevoed heeft met opvattingen van allerlei rechts-conservatieve groeperingen, waaronder de Tea-party in de VS en die van Geert Wilders in Nederland.
De PVV-leider heeft zich direct van de dader gedistantieerd en de aanslagen scherp veroordeeld. Maar duidelijk is geworden dat het conservatief-christelijk denken ook kan radicaliseren en in terroristische daden uitmonden. En dat moet iedereen aan het denken zetten.