*

 

breedveldNiemand is ooit echt met Wilders in debat gegaan

Willem Breedveld − 05/12/07, 00:34

Zonder tegenspraak geen debat en zonder debat geen uitkomsten waar de samenleving weer even mee vooruit kan. Om die reden zit het me al jarenlang dwars dat niemand ooit echt met Geert Wilders in debat is gegaan, ook Doekle Terpstra niet, die in deze krant wel zijn bezwaren tegen de man kenbaar maakte, maar voor het overige zijn verhaal afdeed als de belichaming van het kwaad.

Ook het parlement laat het telkens afweten, al beweert Alexander Pechtold en beweren andere kamerleden honderd keer het tegendeel. „U kun mensen niet categorisch omwille van hun geloof afwijzen in Nederland. Dat is onmogelijk. In het verleden hebben wij het wel meer meegemaakt dat mensen categorisch werden afgewezen. Dat leidt tot rampen, mijnheer Wilders. Wilt u dat onthouden”. Met deze uitspraak oogstte Jan Marijnissen bij de algemene beschouwingen instemmend geroffel vanuit het parlement. Maar een bijdrage aan het debat was het niet. Het was meer een preek tegen een schooljongen die zich heeft te gedragen.

Wie of wat is de oorzaak van het ontbreken van debat? Ten dele moet de oorzaak bij Wilders zelf worden gezocht. In NRC/Handelsblad van 12 april 2003 kondigde hij schouder aan schouder met Ayaan Hirsi Ali een ’liberale djihad’ af. De Profeet heeft ooit de oorlog afgekondigd tegen alle niet-moslims. Wat ligt er daarom meer voor de hand dan de islam de oorlog terug te verklaren? Ruim een jaar later (hij was toen al uit de VVD gestapt, of gezet), op 16 oktober 2004, legde hij in Trouw nog eens uit waarom die oorlogsverklaring terecht was. Citaat: „Negenennegentig procent van alle problemen in de wereld hebben op een of andere manier met de islam te maken. Dat is de realiteit. Ja, ook in Nederland”. Het is de taal van een oorlogspropagandist en zoals bekend, met een propagandist valt nauwelijks te debatteren.

Maar dit alles zou voor het parlement (afgeleid van het Franse werkwoord parler=spreken) geen reden moeten zijn om het debat met Wilders uit de weg te gaan. Toch gebeurt dat telkens weer. Het debat over de regeringsverklaring werd overschaduwd door gehakketak over het dubbele paspoort zonder dat de argumenten helder voor het voetlicht kwamen. En tijdens de revanche met de algemene beschouwingen beperkte de Kamer er zich toe om Wilders de oren te wassen. Zie boven het citaat van Marijnissen. Of luister naar het PvdA-kamerlid Jeroen Dijsselbloem: „U hebt een geweldig naïef en verwrongen wereldbeeld, meneer Wilders. U staat aan de kant van de extremisten! Dat is dom”.

In NRC/Handelsblad (29 oktober) leggen de debattrainers Roderik van de Bos en Lars Duursma uit dat deze manier van debatteren (als het die kwalificatie al verdient) Wilders alleen maar in de kaart speelt. Het is preken voor eigen parochie, terwijl de medestanders en potentiƫle sympathisanten van Wilders alleen maar beluisteren dat hun verhaal niet serieus wordt genomen. Dat verhaal is, om in termen van Wilders te blijven, dat Nederland aan het einde van deze eeuw gedegradeerd is tot een provincie van Eurabiƫ, waarin we onze duur bevochten vrijheden definitief als afgeschreven mogen beschouwen. Kortom, Nederland let op uw zaak.

Deze boodschap mag de rest van de Kamer afdoen als een spookbeeld, het is wel haar taak om aan te tonen dat het ook zo is. Zoiets heet fatsoenlijk debatteren. Leg maar uit dat een Koranverbod niet helpt en al helemaal niet in dit internettijdperk. Of daag Wilders uit precies te vertellen hoe het zit met die islamisering. Of hoe hij migratiestromen een halt denkt toe te roepen in een wereld die haar kaarten heeft gezet op mondialisering. Niets van dit alles. Liever preekt men, of loopt men met een boog om hem heen, met als resultaat dat Wilders telkens weer kans ziet het debat te monopoliseren.

mailIcon print |