Charlotte reikt over de klassiek gedekte kersttafel om de kaarsen aan te steken. Vanavond zal het dan eindelijk zo ver zijn. De hele familie met elkaar aan tafel, net als vroeger. Het zal toch anders zijn zonder hun ouders.
De vorige kerst zat vader nog aan het hoofd van de tafel. Charlotte voelt tranen in haar ogen opwellen. Nee, nu niet sentimenteel worden, de gasten zullen zo voor de deur staan. Het zal fijn worden, zelfs Elisabeth zal er zijn, we zullen herinneringen ophalen aan de fijne kerstdiners van vroeger. Er verschijnt een glimlach op haar gezicht, als ze ziet, dat het sneeuwt buiten. Zo hoort kerstavond te zijn, met sneeuw buiten en gezellig met de familie aan tafel.
Twintig kilometer verderop stapt Victor in zijn auto. In gedachten zit hij al met zijn broers en zussen aan tafel. Charlotte zal weer heerlijk gekookt hebben, net als andere jaren. Dit jaar zal het anders zijn, omdat hun vader een half jaar terug is overleden. Hun moeder is vijf jaar geleden omgekomen bij een verkeersongeval en nu is het ouderlijk huis verdwenen. Al rijdend bereidt Victor de avond voor. Hoe zal hij het aanpakken? Een vitale man overlijdt aan een hartaanval, terwijl dat niet in zijn familie zit. Geen van zijn broers en zussen, behalve Charlotte dan, leek erg van slag van zijn dood. Het was te plotseling, een hartaanval komt toch niet ineens? Victor is er van overtuigd, dat er iets niet klopt. Zijn gedachten worden verstoord, doordat het gaat sneeuwen. Hij verlaagt zijn snelheid. Als hij vanavond nog maar weg kan komen, elkaar één avond zien is wel voldoende.
Als Victor bij Charlotte arriveert, zitten de anderen al aan tafel. Het kristal schittert in het kaarslicht en op de achtergrond hoort hij kerstliedjes opklinken. Frederik en Robert zijn druk in gesprek met hun jongste zus Lucy. Elisabeth zit aan het hoofd van de tafel verveeld voor zich uit te kijken met een glas wijn in haar hand. ‘Hé zusje, lang niet gezien,’ zegt Victor en zoent haar op beide wangen. ‘Ja Vic, de laatste keer was op de begrafenis van die ouwe zeker.’ ‘Hoe is het met je, Elisa?’ Hij schuift naast haar aan tafel en pakt zijn drankje van Charlotte aan. ‘Het gaat beter dan ooit en ik ben bezig aan een spannend project.’ Terwijl Elisabeth vertelt over haar nieuwe kunstproject, schept Charlotte de soep op en het gesprek verstomt. ‘Stille nacht, heilige nacht. Davids zoon, lang verwacht,’ weerklinkt. ‘Hebben jullie ooit getwijfeld aan die hartaanval?’ De vraag van Victor overstemt het kinderkoor. Elisabeth laat haar lepel vallen, de anderen lijken ongestoord door te eten. ‘Victor, wat bedoel je daarmee?’ ‘Jongens, laten we het gezellig houden. Het is Kerst. Ik haal even een nieuwe lepel.’ Charlotte loopt naar de keuken. Lucy, Frederik en Robert kijken vragend naar hun broer. ‘Ik denk dat zijn dood niet natuurlijk was, het klopt niet.’ Voor ze kunnen reageren, komt Charlotte terug. ‘Victor, kan dit niet wachten tot na de maaltijd?’ Ze gaat weer zitten en Victor houdt zijn mond. Na het voorgerecht wordt de sfeer meer ontspannen aan tafel. Het eten smaakt en de wijn vloeit rijkelijk. Er worden herinneringen opgehaald en er wordt gelachen, Charlotte is tevreden.
Tijdens het dessert kijkt Victor Elisabeth aan. ‘Elisa, hoe denk jij over vaders dood?’ ‘Hoezo? Hij is dood en dat is mooi zo, zijn we eindelijk van hem verlost,’ zegt Elisabeth met een glimlach. ‘Wat bedoel je met: dat we van hem verlost zijn?’ vraagt Charlotte. ‘Het was zo’n irritante man!’ ‘Een irritante man, Elisabeth?’ Charlotte’s stem klinkt geïrriteerd. ‘Hij was wel onze vader en over de doden niets dan goeds!’ ‘Ja, jij was zijn lievelingetje, maar ik kon nooit iets goed bij hem doen!’ ‘Dat is niet waar, Elisabeth, dat weet je best.’ ‘Je probeert alles net als vroeger goed te praten, maar we weten wel beter!’ Charlotte schuift onrustig heen en weer op haar stoel. Elisabeth verpest zo de hele avond, vroeger gooide zij ook altijd roet in het eten. ‘Oké, mijn band met hem was natuurlijk beter’, zegt Charlotte, ‘maar jij hebt het hem niet gemakkelijk gemaakt!’ ‘Hij mij wel zeker? Ik was het zat!’ ‘Zo zat dat je hem hebt vermoord’, vraagt Victor zacht. Elisabeth knikt. ‘Elisa, je maakt een grapje, neem ik aan,’ vraagt Frederik. Elisabeth schudt haar hoofd. ‘Je bent gewoon jaloers op alle aandacht, die ik van hem kreeg en dit is een manier om ons beiden terug te pakken’, schreeuwt Charlotte. ‘Toe nou, Charlot, kalmeer,’ roept Lucy uit. Het is toch Kerst?’ ‘Ik kalmeren? Zij heeft vader vermoord!’ Charlotte staat op van tafel. ‘Blijf zitten Charlot!’ commandeert Frederik. ‘Laat Elisa haar verhaal vertellen. Ik wil wel weten, waarom ze het gedaan heeft.’ ‘Nou, ik wilde korte metten maken met vroeger en eindelijk beginnen met...’ Elisabeths stem stokt en ze staat op. Charlotte staat met een verzilverde kandelaar voor haar. ‘Ga nu zitten, Charlot,’ zegt Frederik. ‘Nee,’ antwoordt ze en ze slaat Elisabeth met de kandelaar in haar gezicht. Elisabeth stort ineen. Uit de luidsprekers klinkt: ‘Komt allen tezamen, jubelend van vreugde’.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.