Omdat ik nog niet helemaal wakker was las ik het verkeerd: ’President van Nederlandsche Bank praat de natie alleen maar verder de pub in’. Het gekke is dat je ook van onzin chocola probeert te maken. Dus ik dacht dat Nout Wellink vond dat Nederlanders te veel thuis bleven hangen bij moeders en dat ze meer in de horeca moesten gaan omzetten om de economie te stimuleren.
Maar er stond geen ’pub’, er stond ’put’. En bij nader inzien, bij ons heet dat toch ’kroeg’, wat op een duistere manier met de erin geledigde ’kruik’ schijnt samen te hangen, en niet ’pub’ naar de openbare functie van de ruimte; Wellink zou toch niet vinden dat we meer in Engeland moeten gaan omzetten?
Het kwam ongetwijfeld omdat ik al aan pubs dacht – associaties komen nu eenmaal zelden uit de lucht vallen. Met ingang van gisteren mogen in Engeland en Wales the pubs immers tot na elven openblijven. Als er in Engeland iets verandert of verschuift hoor je daar altijd met meer verbazing van op dan als er in andere landen revoluties uitbreken. Engeland is immers het land van de diepgewortelde tradities, van de excentrieke gewoontes, van de inches, de ponden en het linksrijden. Daar behoorde ook de vroegsluitende pub bij. Ik heb eens in zo’n Engelse pub aan een stamgast gevraagd of hij het niet betreurenswaardig vond om zo vroeg weer te worden buitengezet. Maar deze bejaarde bezoeker, die eruitzag als een lichtbeschonken Lord, wees de suggestie verontwaardigd van de hand. Het was juist een zegen want zo ging hij tenminste op tijd naar bed, en hij nam een zoveelste slok van het schuimloze lauwe bier waar hij en zijn landgenoten zo van houden.
Voorstanders van de nieuwe openingstijden vinden dat die vroege generale sluitingstijd allerlei onrust veroorzaakt, omdat kroegtijgers zich zo snel mogelijk in de lorum drinken en dan om elf uur, allemaal naar buiten gestuurd, op straat gaan staan ruziƫn. Tegenstanders betogen juist dat ruimere openingstijden alcoholisme bevordert. Dat is het grappige aan veel strijd, beide partijen beogen het beste.
Ik meng me er als buitenlander maar niet in. Merk slechts op dat het sluitingstijdstip van elf uur door mij als een van God gegeven sacrament werd ervaren of dan toch als iets wat in de Britse oertijd moest zijn bedacht. Maar dat is helemaal niet zo, het besluit dateert uit de Eerste Wereldoorlog, toen de Engelse regering de arbeiders in de staalindustrie, die de wapens voor het leger moesten smeden, van overmatige alcoholconsumptie wilde weerhouden. Het is als met het kwartje van Kok, zulke besluiten vergroeien langzaamaan met de werkelijkheid en na een tijdje weet je niet beter of het is altijd zo geweest.
Voor anglofielen zit er daarom iets melancholisch aan de verruimde openingstijden, alsof het zoveelste symbool uit hun verleden sneuvelt. Maar in feite gaan we gewoon wat dieper hun geschiedenis in, waarin Engelsen tot laat in de nacht in The King’s Head of in Coach and Horses zongen en muziek maakten. Oftewel, tradities zijn ook maar uitgevonden, zelfs Engelse.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.