Fietsers die voor hun eigen veiligheid een fietshelm dragen, zijn misschien gevaarlijker bezig dan ze zelf denken. Uit Brits onderzoek bleek vorige week dat een fietshelm juist zorgt voor
Verkeerspsycholoog Walker werd tot twee keer toe aangereden toen hij, al fietsend, onderzoek deed naar fietshelmen. Opvallend is zijn verklaring voor de botsingen: hij geeft zijn helm de schuld. Volgens hem zien veel automobilisten fietsers met helm als ervaren fietsers en houden ze daarom minder afstand. En dat leidt tot gevaarlijke situaties.
„Fietshelmen zijn helemaal niet onveilig”, zegt een woordvoerder van Veilig Verkeer Nederland (VVN). „De situatie in Engeland is heel anders dan de onze.” Bij Stichting Consument en Veiligheid noemen ze het onderzoek ’een beetje larie’. „Er is natuurlijk altijd een lobby van tegenstanders van fietshelmen die dit soort berichten aangrijpt. In Nederland is echter voldoende ruimte voor fietsers, auto’s hoeven helemaal niet vlak langs ze te rijden. In de grote steden en in veel recreatiegebieden zijn gescheiden fietspaden waar mensen veilig kunnen fietsen. Het is appels met peren vergelijken. In Engeland wordt fietsen gezien als sport terwijl de fiets in Nederland een vervoermiddel is. Je kunt hier rustig een helm dragen.”
De Fietsersbond staat minder kritisch tegenover het onderzoek van Walker. Het onderzoek sterkt de bond in hun overtuiging dat mensen meer risico nemen als er meer veiligheidsmaatregelen getroffen worden. Dit gebeurde ook toen de airbags kwamen. Expliciet afraden doet de bond het dragen van een helm echter niet. Ouders die bang zijn, moeten hun kind toch maar gewoon een helm opzetten. De bond hoopt en vermoedt dat er met kinderen die een helm dragen wel voorzichtiger gedaan wordt omdat ze kwetsbaarder zijn. Het Britse onderzoek onderschrijft deze gedachte. Automobilisten hielden meer afstand van Walker toen hij verkleed was als vrouw.
Theo Zeegers van de Fietsersbond: „Als een fietser aangereden wordt door een auto is de kracht van de botsing zo groot dat een fietshelm nauwelijks meer helpt. Een helm helpt vooral bij eenzijdige botsingen, als een fietser bijvoorbeeld tegen een paaltje rijdt. Zeker als je hard fietst, zoals wielrenners, biedt een helm bescherming. Jonge kinderen vallen veel maar rijden niet zo hard. De vraag is of het middel het doel niet voorbij streeft. Juist voor kinderen tussen de acht en de dertien helpt een helm nog wel, omdat zij harder fietsen, maar juist die kinderen willen vaak geen helm meer dragen. Jonge kinderen lopen wel een grotere kans op hoofdletsel als ze uit een fietszitje vallen. Kinderkarren zijn veiliger voor kinderen omdat ze dan lager bij de grond zitten en minder ver kunnen vallen. Overigens zijn fietsers niet de enige verkeersdeelnemers die hoofdletsel oplopen. Automobilisten vormen ook een grote groep. Eigenlijk zouden die dan ook een helm moeten dragen maar dat vindt iedereen dan weer een bespottelijk idee.”
Fietshelmfabrikant Agu maakt onderscheid tussen soorten fietsers. „Voor woon-werkverkeer hoef je niet per se een helm op. Maar wij raden kinderen en racefietsers zeker aan om een helm te dragen. Ook voor recreanten die in groepen fietstochten maken is een helm wel zo veilig. En bij allerlei toertochten is het dragen van een helm zelfs verplicht.” In Spanje, Canada en AustraliĆ« is het dragen van een fietshelm verplicht. Dat dit mensen ontmoedigt om de fiets te pakken, bewees een Australisch onderzoek. Nadat in dat land fietshelmen verplicht werden, nam het fietsgebruik met 35 procent af. De veiligheid nam niet toe, wat werd toegeschreven aan het feit dat fietsers met helm meer risico’s gingen nemen. Reden genoeg om in Nederland geen draagplicht in te voeren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.