*

 

Jongeren en alcohol / Niet zeuren, en vooral zelf niet te veel drinken

door H. van der Vorst en R. Spijkerman − 03/07/06, 23:08

Ouders die graag willen dat hun kinderen niet te veel drinken, moeten daar niet steeds weer over beginnen. En zelf het goede voorbeeld geven.

De oorzaak dat jongeren steeds meer en op jongere leeftijd gaan drinken wordt de laatste tijd bij de ouders gezocht. Daarbij bestaat de neiging om slechts te kijken naar wat ouders allemaal fout doen. Zij zouden bijvoorbeeld te tolerant zijn ten aanzien van het alcoholgebruik van hun kinderen.

Dat ouders daadwerkelijk de oorzaak zijn van de stijging in alcoholgebruik onder jongeren is echter moeilijk hard te maken. Bestaande studies geven hooguit een indicatie. Het is ook niet terecht om de gehele verantwoordelijkheid voor het drinkgedrag van jongeren bij de ouders te leggen. Ouders zijn niet de enigen die invloed hebben op de ontwikkeling van hun kinderen. Bovendien kunnen ook andere oorzaken, zoals maatschappelijke of industriƫle ontwikkelingen, een verandering in het drinkgedrag van jongeren teweegbrengen. Een voorbeeld hiervan is de verschijning van mixdrankjes en van frisdrank en sterke drank.

Dat de verantwoordelijkheid voor het toegenomen alcoholgebruik onder jongeren bij de ouders wordt gelegd, heeft waarschijnlijk te maken met de huidige aandacht voor ’alcohol en opvoeding’.

Ook wijzelf zorgen ervoor dat de rol van ouders meer en meer op de voorgrond komt. In verschillende onderzoeksrapportages beschrijven we de belangrijke invloed van ouders op het drinkgedrag van jongeren. Het risico bestaat dan dat men focust op wat er allemaal fout gaat in de opvoeding. We denken echter dat het beter is om ouders te informeren over wat ze in de toekomst kunnen doen, dan te wijzen naar mogelijke fouten uit het verleden.

Op basis van onze onderzoek weten we nu bijvoorbeeld dat de regels die ouders stellen inzake alcoholgebruik van hun kinderen een sterk en direct effect hebben op het drinkgedrag van jongeren, zowel op de korte als op de lange termijn. Hoe meer er verboden wordt, hoe minder de jongeren drinken.

Hierbij dient opgemerkt te worden, dat strenge regels vooral een preventieve werking hebben in de fase dat jongeren nog niet of nauwelijks alcohol drinken. Als jongeren eenmaal begonnen zijn met het regelmatig drinken van alcohol, heeft het stellen van regels nog maar weinig invloed.

Er zijn ook nog andere manieren waarop ouders het alcoholgebruik van hun kinderen kunnen beïnvloeden. Bijvoorbeeld door toezicht te houden op, of op de hoogte te blijven van wat en hoeveel kinderen drinken. Hoe meer ouders weten over het drinkgedrag van hun kinderen, hoe lager het alcoholgebruik van jongeren.

In de praktijk blijken ouders echter het alcoholgebruik van hun kinderen behoorlijk te onderschatten. Daar het alcoholgebruik van jongeren zich vaker buitenshuis afspeelt, is controle natuurlijk moeilijk. Door meer toezicht of vaker te informeren naar wat er zich in het leven van hun kind afspeelt, zouden ouders het alcoholgebruik van hun kinderen kunnen beperken.

In tegenstelling tot de gangbare mening heeft de communicatie van ouders over ’alcohol’ een negatieve invloed op het alcoholgebruik van jongeren. Uit onze onderzoeken komt naar voren dat veel en vaak praten over alcohol juist een stimulerend effect heeft. Waarschijnlijk is dit het Forbidden fruit effect: iets wat niet mag, trekt aan. Het zou kunnen zijn dat ouders die veel met hun kinderen over alcohol praten dit op een minder constructieve manier doen en daardoor het drinkgedrag van hun kinderen eerder stimuleren dan doen afnemen.

In tegenstelling tot de frequentie van de gesprekken, blijkt de kwaliteit van het spreken over alcoholgebruik namelijk wel een belangrijke preventieve werking te hebben. Ouders dienen weinig over alcohol te praten. Maar als ze er dan toch over praten, dienen ze dit op een constructieve en duidelijke wijze te doen.

Ten slotte blijkt dat het veelgehoorde advies dat ouders hun kinderen moeten ’leren drinken’ helemaal geen gunstig effect heeft op de alcoholconsumptie van jongeren. Hoe vaker jongeren thuis alcohol drinken, hoe meer alcohol er ook buitenshuis genuttigd wordt. Daarnaast blijkt dat hoe meer ouders drinken, vooral de vaders, hoe meer hun kinderen drinken. Om te zorgen dat jongeren minder alcohol drinken moeten ouders zo min mogelijk alcohol drinken in het bijzijn van hun kinderen en thuis weinig alcohol schenken.

Deze nieuwe onderzoeksbevindingen geven aan dat de invloed van ouders op het alcoholgebruik van hun kinderen genuanceerder ligt. Ook bepaalde gangbare opvattingen hoe ouders zouden moeten omgaan met drinkende jongeren blijken niet zomaar te kloppen. Deze inzichten zijn belangrijk als we willen zorgen dat ouders hun rol aanwenden om jongeren minder te laten drinken. De kunst is nu om de kennis over de invloed van de opvoeding op het drinkgedrag zo goed mogelijk om te zetten in praktische adviezen.

Haske van der Vorst en Renske Spijkerman zijn onderzoekers verbonden aan respectievelijk de Radboud Universiteit in Nijmegen en het Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen & Verslaving (IVO) in Rotterdam.

mailIcon print |