(Novum) - Veel planten- en dierensoorten in Nederland lijden onder de aanhoudend hoge temperaturen en de droogte. Planten kwijnen weg en vogels, zoogdieren, vissen en insecten voelen zich niet op hun gemak. Dat concluderen onderzoekers van Wageningen Universiteit donderdag na vergelijking van een aantal studies over klimaatveranderingen. Ook zijn er planten en dieren die het nu juist beter doen.
In van oorsprong al droge gebieden zijn de eerste gevolgen al zichtbaar, stellen de onderzoekers. Vooral de beuk heeft bij aanhoudende droogte ernstig te lijden. Veel beukenbomen groeien de laatste jaren minder, terwijl hun zaailingen minder zijn opgewassen tegen de concurrentie van andere soorten.
De berk vertoont tekenen van verminderde vitaliteit door bladval van vroegtijdig vergeelde bladeren. Daarnaast zijn meer dan 150 plantensoorten, vaak voor leken niet herkenbaar, slecht bestand tegen de droogte. Boomsoorten die beter gedijen bij hoge temperaturen kunnen zich daarentegen gaan uitbreiden. Voorbeelden zijn de walnoot, de tamme kastanje, de esdoorn, de plataan en de zomerlinde.
Tientallen vogelsoorten, waaronder eendensoorten zoals de zomer- en wintertaling, hoenders, zoals korhoen en patrijs, maar ook zangvogels als rietzanger en grote karekiet dreigen een veer te moeten laten. Verder zullen muizensoorten als de zeldzame noordse woelmuis door biotoopvernietiging en de waterspitsmuis door concurrentie van de bosspitsmuis terrein verliezen, menen de onderzoekers.
Voor zandhagedissen heeft de verdroging een nadelig effect op de ei-ontwikkeling. In langdurig droge zomers zoals nu is het percentage eieren dat uitkomt zeer laag, omdat de eieren een zekere vochtigheid nodig hebben. Voor sommige libellen- en vlindersoorten, zoals de zuidelijke keizerlibel of de rouwmantel, zijn de extreme omstandigheden gunstig, terwijl andere soorten zoals de bosbeekjuffer en de heivlinder nadelen ondervinden doordat leefgebieden voor larven uitdrogen en onvoldoende nectar en voedselplanten beschikbaar zijn.
Ook in het water heeft het leven het niet altijd gemakkelijk. Vissen zijn beperkt tolerant voor hoge watertemperaturen. Haring en de gestippelde alver komen al boven de 22 graden in de problemen. In het kustwater profiteren echter veel zuidelijke krabben en garnalen, waaronder de blauwpootzwemkrab en de teennagelkrab, van de warmte.
Het Nederlandse landschap zal bij aanhoudende droogte geleidelijke veranderingen ondergaan. Bloemrijke graslanden en heidevelden in duinvalleien zullen dichtgroeien, terwijl duinriet en grote zoogdieren als de ree hun areaal zullen uitbreiden. Zo ook zal het al dominante pijpenstrootje op de natte heide zich samen met huisjesslakken verder uitbreiden, terwijl de dopheide vanwege de droogte niet tot kieming komt en kenmerkende soorten als klokjesgentianen, parnassia en eenjarig wollegras het veld ruimen.
De onderzoekers verwachten dat de grote veranderingen die zich de afgelopen jaren al in de Nederlandse natuur door de opwarming hebben voorgedaan, mede door de huidige extreme weersomstandigheden doorzetten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.