Het universitair onderwijs in Irak is volledig lamgelegd na de ontvoering gisteren van tientallen wetenschappers.
Gewapende mannen in commando-uniform zetten gistermorgen de straten af rond een wetenschappelijk instituut van de Iraakse regering in Bagdad en drongen het gebouw binnen. Daar scheidden zij eerst mannen van vrouwen en vervolgens, aan de hand van identiteitsbewijzen, soennitische mannen van sjiitische. Alleen de soennitische medewerkers en bezoekers werden meegenomen. Over hun exacte aantal bestaat verwarring; de aantallen lopen uiteen van 45 tot 150. Zeker 20 van hen zijn weer vrijgelaten.
Iraakse academici zijn geregeld doelwit van dit soort geweld. Zij vertolken vaak een gematigde stem die door de strijdende sektarische partijen niet op prijs wordt gesteld. Sinds het begin van de oorlog zijn zeker 155 onderwijskrachten vermoord. Duizenden Iraakse intellectuelen zijn de wetteloosheid en het geweld in hun land ontvlucht.
De Iraakse minister voor hoger onderwijs, Abed Thejab, verordonneerde gisteren onmiddellijk de stopzetting van alle colleges en lessen in het hoger onderwijs totdat de veiligheidssituatie is verbeterd. Het ministerie van binnenlandse zaken liet vijf politiemensen oppakken, onder wie de chef van Karrada, de wijk waar de ontvoering plaatshad. Ooggetuigen meldden dat politiemensen toekeken zonder in te grijpen.
Ontvoeringen zijn in Irak aan de orde van de dag, waarbij de daders vaak uniformen van politie of veiligheidsdiensten dragen. Bekend is dat die diensten geïnfiltreerd zijn door sjiitische milities, met name het Mahdi-leger van de radicale sjiitische leider Moektada al-Sadr. Maar ook worden vaak gestolen uniformen gebruikt. Slachtoffers worden vaak vermoord en ergens gedumpt.
Een ontvoering van deze omvang is echter vrij ongebruikelijk. De Iraakse premier Al-Maliki zei gisteren dat ze het gevolg was van een machtsstrijd tussen gewapende groepen van de politieke facties.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.