(Novum) - De Leusdense pleegouders van de Belgische baby Donna gaan in cassatie, omdat ze niet willen dat het DNA van hun pleegdochter naar België gaat. Dat bevestigt advocatenkantoor Van Voorthuizen, dat de belangen van het echtpaar behartigt, donderdag. Eind vorig jaar besloot de rechtbank in Utrecht dat DNA-materiaal van de baby moest worden overgedragen aan de Belgische autoriteiten. Het DNA dient als bewijsmiddel in een strafzaak tegen de Belgische draagmoeder.
De Vlaamse biologische moeder van Donna zou tijdens haar zwangerschap hebben besloten haar baby voor vijftienduizend euro onkostenvergoeding aan een Nederlands echtpaar over te dragen. Ze zou de baby echter ook aan een Belgisch echtpaar hebben beloofd. De man van dat paar beweert de biologische vader te zijn van het kind. De moeder van de baby spreekt dat tegen. Zij zegt dat haar eigen man de vader is.
Het voogdijschap van Donna valt momenteel onder Bureau Jeugdzorg. De Utrechtse rechtbank bepaalde eerder dat de baby voorlopig bij het Leusdense paar kan blijven, omdat sprake is van een gezinsleven tussen de baby en de pleegouders. Ook de biologische ouders willen dat Donna voorlopig bij haar pleegouders blijft. Indien de Belgische man die het vaderschap claimt de biologische vader blijkt van het kind, komt de zaak in een ander licht te staan.
Het advocatenkantoor in Ede verklaart dat de pleegouders gelijk in cassatie gaan en niet eerst in hoger beroep, omdat dat 'in sommige gevallen' kan. In cassatie wordt door de Hoge Raad in Den Haag bekeken of het recht door de lagere rechters goed is toegepast. De hoogste rechtsinstantie van het land moet bepalen of het DNA-materiaal aan de Belgische justitie wordt overgedragen. Het is nog niet bekend wanneer de zaak dient.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.