*

 

Plastic smelten in de Afrikaanse zon

Dorien Pels − 16/07/07, 21:08

Ontwerper Rick Claassen (31) studeerde twee jaar geleden af met een ontwerp voor een zonneoven voor plastic hergebruik. Niet meer dan een kartonnen doos, afgedekt met een glasplaatje en een ’toeter’ erop van reflecterend materiaal dat het licht vangt.

In de doos wordt de zonnewarmte vastgehouden op 175 graden, precies warm genoeg om plastic te smelten en om te vormen. „Ik was me ervan bewust dat ik als ontwerper van producten mede verantwoordelijk ben voor de verspilling in de wereld.”

Op een nacht viel alles op z’n plek: het verband tussen plastic afval en zonne-energie. Claassen, die zich ’materiaalecoloog’ noemt: „Van alle materialen is plastic het meest geschikt om te recyclen, maar het wordt niet gedaan. Hout, metaal, papier en glas wel, maar plastic nauwelijks. Ik denk dat dat komt doordat plastic nog maar zo kort bestaat. Het komt uit een fabriek en als je het niet meer nodig hebt gooi je het weg. Ontzettend jammer. Het meeste wordt verbrand, wat heel belastend is voor het milieu, terwijl je het ook kunt omsmelten en opnieuw kunt gebruiken.”

De toepassingen van hergebruikt plastic zijn volgens Claassen oneindig: matten, sierraden, rioolbuizen, keukengerij. Met een mal kan het plastic weer iedere vorm krijgen.

Van het internet plukte hij een al bestaand ontwerp voor een oventje op zonne-energie, ook gebaseerd op een kartonnen doos. Daarmee ging hij aan de slag. Hij verdiepte zich in het proces van het smelten van plastic en paste de oven daarop aan.

„Aan het einde van de zomer van 2005 probeerde ik hem voor het eerst uit. En het werkte, ik smolt plastic shampooflessen in verschillende kleuren om tot een platte schijf. Toen was de zomer op zijn einde en gaf de zon niet meer genoeg kracht. Ik moest tot mei 2006 wachten tot ik hem weer kon proberen.” Die tijd gebruikte hij om vragen te beantwoorden over veiligheid, over eventuele giftige dioxine. Hij gaf natuur- en scheikundestudenten opdracht het proces te bestuderen. Het omsmelten bleek geen problemen op te leveren voor de gebruiker. Bij het smelten komt geen dioxine vrij, alleen het plastic smelt, terwijl het karton van het oventje intact blijft.

Claassen schreef zijn bevindingen op in een boek over duurzaam ontwerpen, maakte daarnaast nog een studie ecologie af. In januari 2006 studeerde hij af aan de Design Academy in Eindhoven en stond met zijn oventje op de afstudeertentoonstelling. „Daarna ging het snel. Verschillende hulporganisaties wilden met me in zee. Ik bleek een mogelijke oplossing te hebben gevonden voor een gigantisch probleem in Afrika, namelijk het zwerfafval.”

Sinds twintig jaar wapperen in Afrikaanse landen als Kenia, Ghana en Zuid-Afrika waar je ook kijkt plastic zakjes in de struiken. Er is geen goed vuilophaalsysteem en overal in het landschap ligt plastic rommel. Wordt het verbrand, dan geeft het afval giftige dampen af die ongezond zijn om in te ademen. Bovendien leidt het tot vervuiling van grondwater. Ook blijft het water in de regentijd in de zakjes staan, waardoor de malariamug wordt aangetrokken.

Claassen „We kozen de arme provincie Wajir in Kenia als proefgebied uit. Daar is de Nederlandse stichting Welzijn Wajir actief. Ik dacht: als deze mensen met de oven aan de slag kunnen, kan iedereen het begrijpen.”

Samen met zijn vriendin vertrok hij ruim een week geleden naar Kenia om dit uit te proberen. Het plastic-experiment wordt gefinacieerd door hulporganisatie Hivos. „In hulpverleningsland is inmiddels wel doorgedrongen dat je de mensen daar zelf het heft in handen moet geven.”

De ontwerper heeft een inklapbaar prototype ontworpen van de oven, dat in de rugzak past. De mensen kunnen ter plekke voor weinig of geen geld zelf ook zo’n oven bouwen. De bedoeling is dat de lokale bevolking het nieuwe ambacht van plastic smelten zelf gaat beheersen,

De stichting Wajir heeft al wat voorwerk gedaan en met name de jongeren in het gebied lijken zich te verheugen op de oventjes. Hoewel van afvalplastic van alles kan worden gemaakt – rioolbuizen, dakbedekking – wil Claassen met deze doelgroep vooral schoenen gaan maken. „Het is een nomadenvolk, van oorsprong Somalisch, dat leeft van veeteelt. Alleen zijn de veestapels grotendeels weg. De werkloosheid onder de jongeren is bijna honderd procent.”

„We zullen vooral vrouwen gaan opleiden, omdat bij hen de nieuwsgierigheid groter is. De mannen vinden het over het algemeen wel best, die zijn vrij conservatief.”

De bewoners zijn islamitisch, mannen en vrouwen leven strikt gescheiden. De vrouwen dragen volledig bedekkende kleding. „Dat wil zeggen: op de voeten na. Daar besteden ze dan ook veel aandacht aan. Ze versieren ze. De mensen hebben geen geld om schoenen te kopen. Door de vele doornstruiken in de streek lopen ze grote kans op infecties. Daar willen we op inspelen, want met de oven kun je hele mooie, kleurige schoenen maken.”

mailIcon print |