De wintervlinder vliegt van september, weinig, tot in december, veel, in beboomd gebied. De spanrupsen eten jonge uitlopers, vers blad en bloesems en kunnen de bomen helemaal kaal vreten.
De vrouwtjes kunnen niet veel anders doen dan lijdzaam op de vliegende mannetjes wachten. Ze scheiden een seks-lokstof (feromoon) af waar de mannetjes op af komen. Na de paring zetten de vrouwtjes hun eitjes af in schorsspleten. De eitjes overwinteren en komen pas begin april uit. De rupsen verpoppen zich in juni in een los spinsel in de grond en laten zich daarvoor aan een draad uit de boom zakken.
Iedereen wordt gevraagd digitaal waarnemingen door te geven via de website www.telmee.nl en dan door te klikken naar ’soort van de maand’. Hier kunnen alle gegevens worden ingevoerd en kan de precieze plaats worden aangeven op een kaart. Ook waarnemingen van de vorige soorten van de maand zijn welkom bij De Vlinderstichting via www.soortvandemaand.nl. Het gaat om ijsvogel, rugstreeppad, klokjesgentiaan, wespspin, wijngaardslak en kostgangerboleet. De gegevens gaan naar de verenigingen die er verder mee werken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.