Vlak voor Kerst ontbond bisschop Hurkmans het bestuur van de pastorale eenheid Groot Oost in Den Bosch. Het bestuur had naar behoren gefunctioneerd, gaf de bisschop toe, maar het kon niet meer door één deur met de pastoor.
Dat het voltallige kerkbestuur is weggestuurd, met uitzondering van pastoor A. Uijttewaal (zoals in de rk kerk gebruikelijk de bestuursvoorzitter), heeft in de vijf Bossche kerken aan de oostzijde van de stad verbazing en verontwaardiging gewekt.
Aad van Kints, de vicevoorzitter die het veld moest ruimen: „In welk bedrijf maak je het mee dat degene die niet goed functioneert mag blijven zitten, en iedereen om hem heen wordt weggestuurd?”.
De kerk is geen bedrijf, dat weet Van Kints (66) ook wel. Maar in het dagelijks leven werkt hij als consultant, en soms, ’als voor je ogen zoveel moeizaam opgebouwde goodwill wordt verspild’, kun je niet om de vergelijking heen.
Vanaf zijn aantreden in 2003 als vicevoorzitter heeft Van Kints met zijn medebestuursleden kerkelijke beleidslijnen uitgevoerd. Het zijn weinig populaire maatregelen waarmee momenteel zo’n beetje elke parochie geconfronteerd wordt.
De vijf Bossche parochies (een gebied met 29.000 inwoners) moesten langzaam maar zeker fuseren, en uiteindelijk moeten vier van de vijf kerkgebouwen aan de eredienst worden onttrokken. „Dat doet pijn”, zegt Van Kints. „Maar we zijn er met vallen en opstaan in geslaagd de neuzen steeds meer dezelfde kant op te krijgen. Vorig jaar hebben we de eerste kerk kunnen sluiten.”
Ook het fusieproces verliep voortvarend, al was er volgens Van Kints steeds één persoon die de samenwerking bemoeilijkte: pastoor Uijttewaal. Vaak slaagde de pastoor erin om met één woord de stemming te breken, een opmerking die vervolgens de hele parochie doorging.
Van Kints: „Bij de opening van een kerkgebouwtje zei hij: ’Dit kerkje had er natuurlijk nooit mogen komen.’ En bij de presentatie van een jubileumboek sprak hij de woorden: ’Dit boekje deugt niet’. Het zijn misschien kleine zaken, maar het geeft aan hoe hij enthousiaste mensen steeds weer wist te demotiveren, waarna ze er vaak mee ophielden.”
Veel conflicten kwamen volgens Van Kints voort uit de opstelling van de priester tegenover vrijwilligers. „Hij joeg mensen tegen zich in het harnas, door overleg af te doen als tijdverspilling. Op vergaderingen kwam hij vaak niet opdagen.”
Het bestuur drong erop aan dat de pastoor in alle kerken van de pastorale eenheid ’op z’n minst af en toe een viering zou houden’. „Dat vond hij overdreven, hij bleef liever in de kerk die hij als de hoofdkerk zag. Met veel moeite hebben we bereikt dat hij nu eens per maand ook in een andere kerk voorgaat.”
Ontevredenheid bij kerkgangers tegenover een onvermurwbare opstelling van bisschop Hurkmans. Het begint op een patroon te lijken, na de situatie in Waalwijk, waar na uitgebreide beraadslagingen tussen bisschop en parochianen ook alle bezwaarden het veld hebben geruimd, terwijl de priester aanbleef. In dit geval gaat het om een van Hurkmans’ protegés; hij was rector van het Sint Janscentrum toen Uijttewaal daar studeerde.
Tot op het laatst heeft Aad van Kints bemiddeld tussen priester en parochianen. Het mocht niet baten.
Misschien wel het meest opmerkelijke aan deze zaak: het gezagsgetrouwe Bossche kerkbestuur heeft zich bepaald niet onmogelijk gemaakt ten aanzien van leer of beleid van het kerkgezag. Met de zogenaamde richtingenstrijd tussen progressief en conservatief, of met ongewenste liturgische vrijgevochtenheid heeft dit alles niets te maken.
Dat wordt het gezelschap dan ook met geen woord verweten. In de officiële verklaring van het bisdom, die overigens slechts enkele regels beslaat en die vlak voor Kerst verscheen, staat alleen dat de bisschop ’vaststelt dat bestuursleden en de pastoor te ver van elkaar afstaan om vruchtbaar samen te werken’.
De gewijde zoon van de kerk krijgt in zulke gevallen nu eenmaal de onvoorwaardelijke steun van zijn liefhebbende vader, de bisschop.
Maar is de bisschop niet ook herder van de grotere kudde van vrijwilligers en parochianen, die evengoed bisschoppelijke steun verdient? „De bisschop betreurt de situatie, maar hij zag geen andere mogelijkheid”, reageert een woordvoerder. De pastoor moet zijn werk doen in een moeilijke tijd van fusies en kerksluiting – ’dat levert altijd spanningen op’. „De continuïteit van pastoraat, vieringen en toediening van sacramenten zijn juist in deze situatie van groot belang.”
Van Kints: „De bisschop gaf tijdens ons laatste gesprek toe dat hij ons niet kon ontslaan wegens het beleid dat we hebben gevoerd. Hij zei dat hem daarom slechts één middel ter beschikking stond: het ontbinden van het bestuur via een bisschoppelijk decreet. Dat heeft hij dus gedaan. De priester wegsturen was geen optie: er is geen vervanging.”
De bisschop heeft uitgebreid naar alle partijen geluisterd, maar de beslissing stond al langer vast, denkt Van Kints. „Toen wij als parochiebestuur nog met het bisdom in gesprek waren, riep pastoor Uijttewaal herhaaldelijk: ’Ach, de bisschop ontslaat jullie toch wel’. Dat riep hij al zeker driekwart jaar.”
Van Kints dacht en hoopte dat het anders zou gaan, maar de op voorhand triomfalistische houding van de pastoor werd bewaarheid. Uijttewaal mag nu een nieuw bestuur onder zijn voorzitterschap vormen.
„Het zal hem niet meevallen daar mensen voor te vinden”, voorspelt Van Kints. Volgens hem is sinds het aantreden van Uijttewaal een terugloop in het kerkbezoek te zien, en een afname van het aantal vrijwilligers. „De kerk vervreemdt zo de helft van de mensen van zich – terwijl er al niet zo veel meer zijn.”
Ondanks alles blijft Van Kints geloven in de kerkelijke hiërarchie, ’ook al kun je er als mens aan lijden’. Zelf blijft hij ’uiteraard’ gewoon naar de kerk gaan – alleen al zijn koor zou hij niet graag missen. Of hij ook vieringen bezoekt waarin pastoor Uijttewaal voorgaat? „Dat durf ik niet te beloven. Tot nu toe is het nog niet voorgekomen.”
Pastoor Uijttewaal was gisteren niet bereikbaar voor commentaar.
Zie voor deze en vorige afleveringen www.trouw.nl/standplaatsbrabant
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.