Kopieerbeveiliging van cd's is verleden tijd. Maar muzikanten ontvangen nu wel graag een vergoeding voor het kopiëren van hun werk op de mp3.
Muziekmaatschappijen maken geen gebruik meer van kopieerbeveiliging op muziek-cd’s. EMI is er als laatste mee gestopt. De muziekindustrie kwam met de techniek om het kopiëren van cd’s onmogelijk te maken. Maar de kosten wegen niet op tegen de resultaten. Bovendien konden de beveiligde schijfjes in sommige apparaten niet worden afgespeeld.
Een ander veelgehoord argument in deze discussie is dat de nieuwe vinding DRM de thuiskopie-vergoeding in de toekomst overbodig zal maken en dat dus een begin moet worden gemaakt aan het afbouwen van het systeem.
DRM staat voor Digital Rights Management en is een fraai woord voor kopieerbeveiliging. Kopieerbeveiligingen hebben nooit gewerkt en zullen zo goed als zeker nooit gaan werken. Allereerst omdat elke digitale beveiliging te omzeilen is. Maar vooral omdat de consument het niet wil. Dat wijst elk onderzoek uit. Een rechtenvergoeding betalen is bij de gemiddelde consument aanzienlijk populairder dan een download die hij maximaal 3 keer mag kopiëren of een cd die hij alleen in zijn cd-speler kan draaien, maar niet in zijn computer). Alle pogingen van de platenindustrie om met een kopieerbeveiliging te komen (in feite enkel een poging controle over de markt en natuurlijke ontwikkelingen te houden) hebben het imago van de muziekindustrie dan ook alleen maar geschaad, waarbij de schade die daaruit ontstond ook door de zwakkere groepen, de makers, uitvoerenden en eigen-beheer-producenten, werd gevoeld.
Dat de platenmaatschappijen deze heilloze weg hebben verlaten is dan ook bemoedigend. Men heeft begrepen dat de consument de vrijheid moet krijgen met het op die wijze verkregen materiaal te doen wat hij wil indien het legale downloaden een serieuze kans wil krijgen. De thuiskopie-regeling staat dit niet in de weg, maar maakt dit juist mogelijk.
Het afgelopen jaar is er veel te doen geweest over het al dan niet invoeren van een thuiskopie-vergoeding op MP3-spelers en harddisk-recorders. De politiek riep op tot ’een pas op de plaats’ totdat de Europese Aanbeveling, die al geruime tijd in voorbereiding is, verschijnt. Gehoor gevend aan deze oproep besloot de voorzitter van de SONT (Stichting Onderhandelingen Thuiskopievergoeding), de heer Vonhof, tot het invoeren van een 0-tarief op MP3-spelers en harddisk-recorders. Een teleurstellend voorlopig resultaat gezien vanuit de positie van de rechthebbenden. Ook dit leidde echter al weer tot veel commotie en het aanvragen van een kamerdebat door SP, PvdA en VVD waarin besloten werd zelfs deze beslissing terug te draaien. Waar gehoopt mocht worden dat met de verkiezingen in aantocht eerdere kamervragen toch vooral uit een zekere profileringsdrang gesteld werden, mag men nu helaas concluderen dat een groot deel van de politiek de belangen van de industrie werkelijk zwaarder lijkt te wegen dan de rechten en belangen van musici, auteurs en acteurs. En daarmee de mogelijkheden voor een levende cultuur.
Maar waar hebben we het over? In Nederland mag iedereen (zowel uit legale als illegale bron) voor eigen gebruik kopieën maken van rechtendragend materiaal. Hiervoor is echter een ’billijke vergoeding’ verschuldigd die in de vorm van een heffing op de opslagmedia in rekening wordt gebracht. In eerste instantie was er een heffing op cassettebandjes en videobanden. Toen deze werden vervangen door digitale opslagmedia werd ook op deze nieuwe media een heffing geplaatst. Nu de consument de losse opslagmedia steeds meer loslaat ten gunste van MP3-spelers en harddiskrecorders (apparaten die zelf het opslagmedium zijn) wordt het tijd ook daar een heffing op te plaatsen. In 13 Europese landen (waaronder Frankrijk en Duitsland) is dit inmiddels al gebeurd. Diverse andere Europese landen, waaronder België, zullen spoedig volgen.
Ten onrechte maar bij voortduring wordt in de discussie in Nederland gesteld dat hier een ’uitbreiding’ van de regeling aan de orde is en dat Nederland niet vooruit moet lopen op de ontwikkelingen in Europa. Ten opzichte van het grootste deel van Europa lopen wij achter en de ’nieuwe heffing’ is niet zozeer een uitbreiding, maar eerder een vervanging of verschuiving, waarbij de totale vergoeding in feite min of meer gelijk blijft.
Hier ligt dan ook het grote pijnpunt. Door het almaar uitblijven van een redelijke heffing op MP3-spelers en harddiskrecorders neemt de totale stroom van kopieervergoedingen steeds verder af. Norma, de verdeelorganisatie voor uitvoerend kunstenaars, stelde onlangs vast dat rechthebbenden inmiddels 2,7 miljoen euro per jaar mislopen. Dit schadebedrag groeit elk jaar aangezien hier simpelweg sprake is van een vervanging van techniek, waardoor de ’oude’ dragers minder verkocht worden en het totaal van de daaruit ontvangen rechtenvergoedingen dus logischerwijs terugloopt.
Laten we hopen dat men dat in het nieuwe jaar ook in de (Nederlandse) politiek zal gaan begrijpen.
Erwin Angad-Gaur is kunst en cultuurwetenschapper en secretaris van de muzikantenvakbond Ntb.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.