DEN HAAG (ANP) - Het Commissariaat voor de Media moet bij de zendtijdverdeling voor de moslims een keuze maken tussen organisaties die hen vertegenwoordigen. Het heeft in april 2005 de zendtijd ten onrechte verdeeld tussen het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO) en de Nederlandse Moslim Raad.
Dat heeft de Raad van State woensdag bepaald. De raad wees het beroep van het Commissariaat tegen een uitspraak van de rechtbank in Amsterdam af. Die had het besluit van de mediawaakhond vernietigd en hem gelast een nieuw besluit te nemen. De verdeling van de zendtijd krachtens artikel 39f van de Mediawet geldt voor de periode 1 september 2005 tot 1 september 2010.
De Raad van State stelt vast dat het Commissariaat zich ten onrechte op bijzondere omstandigheden heeft beroepen om de zendtijd voor de moslism in twee gelijke partjes te verdelen.
Eén representatieve organisatie
De toezichthouder had zelf eerder bepaald dat slechts één representatieve organisatie zendtijd krijgt, als een levensbeschouwelijke stroming niet centraal is georganiseerd en er ten behoeve van die stroming meerdere aanvragen zijn ingediend. Dat was bij de moslims het geval.
Bij de beoordeling van de representativiteit is dan niet de omvang van de aanhang doorslaggevend, maar welke aanvrager in de breedte de meeste substromingen vertegenwoordigt en bovendien voor toelating van andere substromingen openstaat.
Overigens meent de raad dat zowel de NMR als het CMO een representatieve organisatie van de moslims in Nederland is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.