(Novum/AP) - Een jaar nadat een hersenbloeding het einde betekende van het premierschap van Ariel Sharon gaat zijn opvolger Ehud Olmert gebukt onder een ernstig gebrek aan populariteit. Maar liefst 77 procent van de Israëliërs vindt dat Olmert niet naar behoren functioneert, zo blijkt uit een opiniepeiling die donderdag werd gepubliceerd, op de kop af een jaar nadat Sharon na een zware beroerte in coma raakte, om er niet meer uit te ontwaken.
Olmert had zijn oog al geruime tijd daarvoor op het premierschap laten vallen, maar de 61-jarige advocaat met scherpe tong was niet geliefd bij de gewone Israëliërs en de politieke collega's van Sharon. Zijn kansen keerden door de hersenbloeding die Sharon op 4 januari 2006 kreeg. Olmert, destijds vice-premier, nam Sharons taken over en behaalde nog geen drie maanden later een overtuigende verkiezingsoverwinning.
Het premierschap heeft hem echter meer leed dan roem opgeleverd. De door de Hamas geleide Palestijnse regering die kort voor zijn eigen aantreden aan de macht kwam, ontkent het bestaansrecht van Israël en weigert het geweld af te zweren. De meer gematigde Palestijnse president Mahmoud Abbas slaagt er maar niet in zijn rivalen van de Hamas eronder te krijgen.
Aanhoudende raketaanvallen vanuit de Gazastrook, de gijzeling van drie Israëlische soldaten door Palestijnse en Hezbollah-strijders en de twijfelachtige uitkomst van de oorlog die Israël deze zomer in Libanon uitvocht, hebben zijn geloofwaardigheid als leider aangetast.
Olmert zag zich gedwongen zijn belangrijkste diplomatieke agenda - de eenzijdige terugtrekking uit grote delen van de Westelijke Jordaanoever - op te geven. Aanzwellende beschuldigingen wegens corruptie, die al jaren de ronde doen, hebben de zaken alleen maar erger gemaakt.
Uit de opiniepeiling van donderdag, die werd uitgevoerd in opdracht van de zender Knesset TV, blijkt dat de helft van de Israëliërs de problemen van Olmert wijt aan de gebeurtenissen van het afgelopen jaar, maar dat 31 procent meent dat hij die aan zijn eigen persoonlijkheid te danken heeft. Zestig procent van de ondervraagden twijfelt aan de integriteit van Olmert.
Politieke medestanders, critici en commentatoren zijn het erover eens dat Olmert een vreselijk jaar achter de rug heeft, maar ze verschillen van mening over de oorzaak.
Avraham Diskin, hoogleraar politieke wetenschappen aan de Hebreeuwse universiteit van Jeruzalem, zegt dat Olmerts 'duidelijk onsuccesvolle eerste jaar' grotendeels te wijten is aan de omstandigheden. Het is opmerkelijk genoeg dat hij niet onder de druk is bezweken, meent Diskin. "We hebben te maken met een man die op ongekende manier in aanzien is gedaald, grotendeels door de omstandigheden en vanwege zijn imago als iemand die niet helemaal recht-door-zee is", zegt hij. "Ik hoop dat hij geen misdaden heeft begaan, zowel voor zijn eigen bestwil als die van Israël."
Andere analisten menen echter dat het afgelopen jaar heel anders zou zijn verlopen als Sharon niet door een beroerte was geveld, en dat Olmert wel degelijk zelf de omstandigheden heeft gecreëerd die zijn populariteit hebben doen afnemen.
Sharon zou volgens velen het conflict met de Hezbollah en de oorlog in Libanon voorzichtiger hebben aangepakt. De oorlog zou mogelijk niet eens hebben plaatsgevonden, meent David Kimche, die ooit hoge functies bekleedde op het ministerie van buitenlandse zaken en bij de inlichtingendienst.
Olmert begon de oorlog enkele uren nadat Hezbollah-strijders drie Israëlische soldaten hadden gedood en er twee gevangen hadden genomen. Sharon zou zich volgens Kimche minder onbesuisd in een oorlog hebben gestort. "Hij zou hebben gewacht, hij zou veel vragen hebben gesteld. Dan zou het een geheel andere oorlog zijn geworden, als er al een oorlog van was gekomen", aldus Kimche.
Ook zou Sharon zich niet de hoge doelen hebben gesteld die Olmert zich wel stelde, maar niet bereikte, namelijk het verpletteren van de Hezbollah en het terugkrijgen van de gevangen soldaten, zegt strategisch expert Schlomo Brom. "Ik kan me voorstellen dat Sharon een keiharde militaire reactie niet had kunnen voorkomen, maar ik denk wel dat hij er beter mee was omgegaan en dat hij het niet zo ingewikkeld had laten worden."
Het conflict in Libanon betekende een klap voor Olmerts plan - een erfenis van Sharon - om de in september 2005 gerealiseerde terugtrekking uit de Gazastrook te laten volgen door eenzijdige terugtrekking uit grote delen van de Westoever.
Raketaanvallen vanuit de Gazastrook, de gevangenname van een Israëlische soldaat door aan de Hamas gelieerde strijders en een Israëlisch offensief in de Gazastrook als vergelding daarvoor hadden de tekortkomingen van de formule van de eenzijdige terugtrekking al blootgelegd, maar na de oorlog in Libanon hadden de Israëliërs nog minder zin in verdere territoriale concessies aan de Palestijnen.
Raanan Gissin, die lange tijd adviseur was van Sharon, meent dat de strijders van de Hamas en Hezbollah hun acties tegen Israël niet zouden hebben aangedurfd als Sharon nog in het zadel had gezeten. "Ze respecteerden hem en vreesden hem in de Arabische wereld."
Volgens Brom echter zou het voor de ontwikkeling van de betrekkingen met de Palestijnen niet veel hebben uitgemaakt of Sharon nog premier was geweest. "De verslechtering van de situatie in de Gazastrook viel te verwachten na de terugtrekking, door de afwezigheid van een politiek proces", zegt hij. Ook Sharon zou er niet in zijn geslaagd de eenzijdige terugtrekking uit delen van de Westoever te realiseren, omdat de raketaanvallen op Israël vanuit de Gazastrook ook al gaande waren toen Sharon nog wel in het zadel zat, aldus Brom. "Hij zou vast zijn komen te zitten, net als Ehud (Olmert) vastzit."
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.